zaterdag 19 maart 2016

Vissersvrouwen met een keelaandoening in Middelharnis (1794)











In 1794 verscheen een verhandeling van I.J. van den Bosch over ziekten die uit de natuurlijke gesteldheid van het vaderland voortkomen.  In dit boek is een hoofdstuk gewijd aan ziekten die door spijzen en dranken worden veroorzaakt, met speciale aandacht voor de gevolgen voor zwakken, kinderen en mensen die een stilzittend leven leiden. Het geschrift bevat veel bijzonderheden die de auteur uit het hele land ontvangen heeft.

Opmerkelijk is dat vanuit Middelharnis gerapporteerd wordt dat vissersvrouwen aan keelaandoeningen lijden als gevolg van het drinken van veel hete koffie en thee.
Belangende eenige kwaalen, welke als gevolgen van het misbruik der opgenoemde warme dranken doorgaans plaats hebben, waar onder de zoo genoemde moeilyke of belette doorzwelging behoot, zyn my onder anderen de volgende berigten daar van toegekomen.
[...]
Te Middelharnis, op het Eiland van OverflacquƩ, zyn de verslapte of naauwe keelen het meest in weinig doende, en veel heete thee en koffy met suiker drinkende vissersvrouwen bekend
Een opmerkelijke waarneming, maar niet geheel onverklaarbaar. 
Koffie, thee en suiker waren niet goedkoop. Het dorp had een periode van welvaart achter de rug; er was een tijd goed verdiend in de visserij. Het drinken van koffie en thee raakte gedurende de achttiende eeuw steeds meer in zwang. Vissersweduwen, vooral weduwen van stuurlieden, begonnen vaak een handeltje in koffie en thee. Het is goed voor te stellen dat vissersvrouwen veelvuldig koffie en thee consumeerden.
Dat ze veel tijd hadden om bij elkaar te zitten is eveneens voorstelbaar. In de beugvisserij was geen sprake van vrouwenarbeid. Vissersvrouwen hoefden geen netten te boeten of met vis te leuren, zoals in andere vissersplaatsen. Natuurlijk kostten huishoudelijke taken vroeger meer tijd, maar als man en zonen langdurig op zee waren dan hielden de vissersvrouwen tijd over. Om koffie en thee met suiker met te drinken zolang de verdiensten het toelieten. Met het risico op verslapte of nauwe kelen....

I.J. van den Bosch.
De oorzaaken, voorbehoeding en geneezing der ziekten onder de menschen, voortvloeijende uit de natuurlyke gesteldheid van het vaderland onderzocht [...] in eene [...] verhandeling, die den gouden prys by de Hollandsche Maatschappy heeft weggedraagen. Amsterdam 1794, p.454

Geen opmerkingen:

Een reactie posten