De sloep Luctor et Emergo uit Middelharnis, schipper Willem van den Hoek, vertrok op 15 januari 1910 uit de haven van IJmuiden. Op 24 januari 1910 is het schip vergaan in een hevige storm in de omgeving van de Doggersbank.
Aan boord dertien vissers waarvan er zes gehuwd waren.
Via de namen kunt u doorklikken naar historische en genealogische informatie over de vissers en hun families.
Pieter van den Berg (1849-1910)
Jan Don (1888 -1910)
Krijn van Gelder (1884-1910)
Cornelis van den Hoek (1877 -1910)
Willem van den Hoek (1860-1910)
Adrianus Cornelis Jongejan (1881-1910)
Gerrit Jongejan (1861-1910)
Leendert Kattestaart (1858 -1910)
Arij de Koning (1896 -1910)
Adrianus van den Nieuwendijk (1871-1910)
Machiel Onderdelinden (1891-1910)
Marinus Onderdelinden (1898-1910)
Cornelis Arij van der Tak (1892-1910)
Vanwege de ramp werden twee preken uitgegeven waarin de verschillende geloofsgemeenschappen weerspiegeld worden. Zie voor het boekje van Ds. Beekenkamp uit Leerdam (richting van de Evangelisatie) getiteld "Schipbreuk lijden doch niet vergaan". bericht van 13 februari 2012. Ds. Bruining van de Hervormde Gemeente, een lichte dominee, schreef Het vuriglijk bidden. Jan Knape Mzn schreef in 1956 een notitie over beide preken(1).
Fons Grasveld. Het lot van de MD3 Anna. Met medewerking van Jan van de Voort.. Hilversum 2014, 142-143.
Posts tonen met het label scheepsramp 1910. Alle posts tonen
Posts tonen met het label scheepsramp 1910. Alle posts tonen
woensdag 11 december 2013
dinsdag 26 november 2013
Adrianus van den Nieuwendijk (1871-1910) en Adriaantje de Korte (1870- )
Ouders
Adrianus van den Nieuwendijk is geboren op 8 juni 1871 in Middelharnis, zoon van Leendert van den Nieuwendijk en Martina (Martijntje). Pille. Leendert was visser van beroep.
Adrianus van den Nieuwendijk is geboren op 8 juni 1871 in Middelharnis, zoon van Leendert van den Nieuwendijk en Martina (Martijntje). Pille. Leendert was visser van beroep.
Adriaantje de Korte geboren op 26 november 1870 is een dochter van Beschier de Korte en Suzanna Wittekoek. Beschier de Korte was ook visser, vader van Johannis de Korte en de grootvader van Hendrik de Korte (zie bericht van 19 februari 2012)
Huwelijk en kinderen
Adrianus en Adriaantje trouwden op 14 maart 1893. Ze waren 21 en 22 jaar. Adrianus was visser van beroep. Collega-vissers Leendert van den Nieuwendijk, Pieter van den Berg, Sijbrand Brijs en Cornelis van der Put (zwager van de bruid) waren getuigen bij het huwelijk.
Op 22 juni 1893 werd Leendert geboren, in 1895 Hester Suzanna, in 1900 volgde Elizabeth en op 10 juli 1907 Beschier. Ze woonden op de Voorstraat A 268
Op 22 juni 1893 werd Leendert geboren, in 1895 Hester Suzanna, in 1900 volgde Elizabeth en op 10 juli 1907 Beschier. Ze woonden op de Voorstraat A 268
De scheepsramp met de Luctor et Emergo 1910, Adrianus van den Nieuwendijk omgekomen
Op 24 januari 1910 verging de MD1 Luctor et Emergo tijdens noodweer in de omgeving van de Doggersbank. Adrianus van den Nieuwendijk was matroos op deze sloep. Hij was 38 jaar.
Nabestaanden
Adriaantje de Korte was 39 jaar toen ze weduwe werd. Beschier was toen twee jaar oud.
Hester Suzanna overleed op 19 januari 1912, zestien jaar oud.
Leendert trouwde in 1914 met Cornelia van den Hoek, dochter van Klaasje Verduin en Willem van den Hoek. Zij had ook haar vader in 1910 verloren, hij was de schipper van de Luctor et Emergo.
Elizabeth trouwde in 1920 met Jan van der Slik, betonwerker. Zij woonden bij Adriaantje in.
Beschier van den Nieuwendijk werd bezemmaker, hij trouwde in 1926 op negentienjarige leeftijd met Willemina de Man uit Dirksland.
Adriaantje de Korte is in 1927 hertrouwd met Adrianus Fris. Zij was 57 en hij 62 jaar.
Nabestaanden
Adriaantje de Korte was 39 jaar toen ze weduwe werd. Beschier was toen twee jaar oud.
Hester Suzanna overleed op 19 januari 1912, zestien jaar oud.
Leendert trouwde in 1914 met Cornelia van den Hoek, dochter van Klaasje Verduin en Willem van den Hoek. Zij had ook haar vader in 1910 verloren, hij was de schipper van de Luctor et Emergo.
Elizabeth trouwde in 1920 met Jan van der Slik, betonwerker. Zij woonden bij Adriaantje in.
Beschier van den Nieuwendijk werd bezemmaker, hij trouwde in 1926 op negentienjarige leeftijd met Willemina de Man uit Dirksland.
Adriaantje de Korte is in 1927 hertrouwd met Adrianus Fris. Zij was 57 en hij 62 jaar.
maandag 25 november 2013
Jan Don (1888-1910)
Ouders
Jan Don is op 9 juli 1888 in Pernis geboren. Zijn ouders waren Gerrit Don en Anna Broere (geboren in Sommelsdijk 1861). Gerrit Don was visser.
Jan had drie zussen Hilletje (1882), Pleuntje (1885) en Engeltje (1890) en vier broers Adriaan (1887), Jacob (1892), Johannis Abraham (1895) en Pieter (1900).
Het gezin is op 1 oktober 1898 vanuit Rotterdam naar Middelharnis gekomen. Ze waren Nederlands Hervormd en woonden op het Spuiplein C79 (1).
De achtergebleven weduwen en wezen kregen een bescheiden uitkering uit het Vissersfonds. De ouders van Jan Don konden daar geen aanspraak op maken.
Onderstaande gift werd gelijkelijk onder de dertien getroffen gezinnen verdeeld.
1. Bevolkingsregister 1891-1920 Middelharnis, scan 299 via Genver. Een lange lijst van namen op dit adres met een neef en kleinkinderen die tijdelijk inwoonden.
Jan Don is op 9 juli 1888 in Pernis geboren. Zijn ouders waren Gerrit Don en Anna Broere (geboren in Sommelsdijk 1861). Gerrit Don was visser.
Jan had drie zussen Hilletje (1882), Pleuntje (1885) en Engeltje (1890) en vier broers Adriaan (1887), Jacob (1892), Johannis Abraham (1895) en Pieter (1900).
Het gezin is op 1 oktober 1898 vanuit Rotterdam naar Middelharnis gekomen. Ze waren Nederlands Hervormd en woonden op het Spuiplein C79 (1).
De scheepsramp met de Luctor et Emergo 1910, Jan Don verdronken
Op 24 januari 1910 verging de MD1 Luctor et Emergo tijdens noodweer in de omgeving van de Doggersbank. Jan Don had de rang van kok op deze sloep. Hij was 21 jaar en ongehuwd.
De achtergebleven weduwen en wezen kregen een bescheiden uitkering uit het Vissersfonds. De ouders van Jan Don konden daar geen aanspraak op maken.
Onderstaande gift werd gelijkelijk onder de dertien getroffen gezinnen verdeeld.
![]() |
| Maas- en Scheldebode, 19 maart 1910 |
1. Bevolkingsregister 1891-1920 Middelharnis, scan 299 via Genver. Een lange lijst van namen op dit adres met een neef en kleinkinderen die tijdelijk inwoonden.
zondag 24 november 2013
Leendert Kattestaart (1858-1910) en Anthonia Groen (1861- )
Ouders
Leendert Kattestaart is een zoon van Pieter Kattestaart en Johanna de Waard. Hij is geboren op 29 januari 1858 in Middelharnis, zijn vader was schoenmaker.
Anthonia Groen is een dochter van Cornelis Groen die visser was en Janna de Blok, geboren op 3 december 1861. Zie voor informatie over haar familie het bericht van 30 oktober 2013. Paulus Groen, een broer van Anthonia, is op 22 december 1894 omgekomen door een ongeval op de sloep Adriana Lumina.
Huwelijk en kinderen
Leendert en Anthonia trouwden op 21 oktober 1884 in Middelharnis, ze waren 26 en 22 jaar oud. Anthonia was dienstbode ten tijde van het huwelijk, Leendert was visser. Een van de getuigen was visser-stuurman Adrianus Jongejan, 28 jaar oud.
Op 12 april 1885 werd Pieter geboren, in 1886 Cornelis, in 1888 Johanna, in 1891 Janna, in 1892 Arendje, in 1895 Leendert, Paulina in 1897 en Klaas in 1903.
Op 12 april 1885 werd Pieter geboren, in 1886 Cornelis, in 1888 Johanna, in 1891 Janna, in 1892 Arendje, in 1895 Leendert, Paulina in 1897 en Klaas in 1903.
Het gezin woonde in de Spuistraat en was van de christelijk gereformeerde kerk.
De scheepsramp met de Luctor et Emergo 1910, Leendert Kattestaart omgekomen
Op 24 januari 1910 verging de MD1 Luctor et Emergo tijdens noodweer in de omgeving van de Doggersbank. Leendert Kattestaart was matroos op deze sloep. Hij was bijna 52 jaar
Nabestaanden
Leendert Kattestaart liet een vrouw en acht kinderen na. De jongste kinderen waren zes en twaalf jaar oud, de oudste was 24 jaar. Anthonia Groen was 48 jaar toen ze weduwe werd.
Pieter Kattestaart is in 1916 naar Velsen verhuisd, hij werd havenknecht en trouwde in 1920 met Cornelia Verbaan, een vissersdochter uit Scheveningen. Johanna, Paulina en Leendert zijn naar Rotterdam verhuisd. Janna Kattestaart trouwde in 1929 in Middelharnis met Abraham Dubbeld.
Arendje Kattestaart is in 1917 met Sijbrand Jongejan getrouwd. Ze gingen in Velsen wonen. De broer van Sijbrand, Adrianus Cornelis Jongejan, is eveneens in 1910 verdronken als bemanningslid van de Luctor et Emergo.
Nabestaanden
Leendert Kattestaart liet een vrouw en acht kinderen na. De jongste kinderen waren zes en twaalf jaar oud, de oudste was 24 jaar. Anthonia Groen was 48 jaar toen ze weduwe werd.
Pieter Kattestaart is in 1916 naar Velsen verhuisd, hij werd havenknecht en trouwde in 1920 met Cornelia Verbaan, een vissersdochter uit Scheveningen. Johanna, Paulina en Leendert zijn naar Rotterdam verhuisd. Janna Kattestaart trouwde in 1929 in Middelharnis met Abraham Dubbeld.
Arendje Kattestaart is in 1917 met Sijbrand Jongejan getrouwd. Ze gingen in Velsen wonen. De broer van Sijbrand, Adrianus Cornelis Jongejan, is eveneens in 1910 verdronken als bemanningslid van de Luctor et Emergo.
woensdag 20 november 2013
Krijn van Gelder (1845-1907) en Cornelia Koudijzer (1844-1918)
Ouders
Krijn van Gelder is een zoon van Jasper van Gelder en Magdalena van der Vliet. Krijn is op 5 januari 1845 in Middelharnis geboren. Zijn vader was visser.
Cornelia Koudijzer is een dochter van Leendert Koudijzer en Jacomina Koert. Ze is op 2 september 1844 geboren. Haar vader was scheepstimmerman.
Huwelijk en kinderen
Krijn en Cornelia zijn op 24 april 1867 getrouwd, ze waren allebei 22 jaar. Krijn was visser en Cornelia was dienstbode ten tijde van het huwelijk. Ze kregen tien kinderen waarvan er vier jong overleden zijn.
Op 16 maart 1868 werd Jaspert Jacob geboren, hij is maar zes jaar oud geworden. Ook Jacob uit 1873, Jaspert uit 1877 en Cornelia uit 1880 hebben de kindertijd niet overleefd.
- Jacomina van Gelder geboren in 1869 en overleden in 1919 is in 1894 met Dirk Koster getrouwd, een zoon van Cornelis Koster en Huibertje Boer. Zie over Dirk Koster de tekst van 16 mei 2013.
- Leendert van Gelder geboren in 1872 is in 1901 met Dirkje van Delft getrouwd. Zie de tekst van 29 juli 2013 over Dirkje.
- Magdalena van Gelder geboren in 1875 trouwde in 1916 met Machiel de Ruijter uit Sommelsdijk.
- Jasperina van Gelder geboren in 1879 trouwde in 1906 met Arend Schol.
- Jacob van Gelder geboren in 1882 trouwde in 1918 met Dirkje van Delft
- Krijn van Gelder geboren op 27 juni 1884 bleef ongehuwd.
Vader Krijn van Gelder in 1907 overleden aan boord van de Burgemeester Mijs
In 1907 is Krijn van Gelder (1845-1907), aan boord van MD 7 Burgemeester Mijs stuurman Leendert Koster Sr. door een beroerte getroffen en overleden. Hij was 62 jaar oud. De sloep is op dinsdag 19 maart binnengekomen in IJmuiden. Van het overlijden van Krijn is op woensdag 20 maart 1907 in Velsen aangifte gedaan. Het stoffelijk overschot is donderdagavond 22 maart in Middelharnis aangekomen.
Krijn van Gelder is een zoon van Jasper van Gelder en Magdalena van der Vliet. Krijn is op 5 januari 1845 in Middelharnis geboren. Zijn vader was visser.
Cornelia Koudijzer is een dochter van Leendert Koudijzer en Jacomina Koert. Ze is op 2 september 1844 geboren. Haar vader was scheepstimmerman.
Huwelijk en kinderen
Krijn en Cornelia zijn op 24 april 1867 getrouwd, ze waren allebei 22 jaar. Krijn was visser en Cornelia was dienstbode ten tijde van het huwelijk. Ze kregen tien kinderen waarvan er vier jong overleden zijn.
Op 16 maart 1868 werd Jaspert Jacob geboren, hij is maar zes jaar oud geworden. Ook Jacob uit 1873, Jaspert uit 1877 en Cornelia uit 1880 hebben de kindertijd niet overleefd.
- Jacomina van Gelder geboren in 1869 en overleden in 1919 is in 1894 met Dirk Koster getrouwd, een zoon van Cornelis Koster en Huibertje Boer. Zie over Dirk Koster de tekst van 16 mei 2013.
- Leendert van Gelder geboren in 1872 is in 1901 met Dirkje van Delft getrouwd. Zie de tekst van 29 juli 2013 over Dirkje.
- Magdalena van Gelder geboren in 1875 trouwde in 1916 met Machiel de Ruijter uit Sommelsdijk.
- Jasperina van Gelder geboren in 1879 trouwde in 1906 met Arend Schol.
- Jacob van Gelder geboren in 1882 trouwde in 1918 met Dirkje van Delft
- Krijn van Gelder geboren op 27 juni 1884 bleef ongehuwd.
Vader Krijn van Gelder in 1907 overleden aan boord van de Burgemeester Mijs
In 1907 is Krijn van Gelder (1845-1907), aan boord van MD 7 Burgemeester Mijs stuurman Leendert Koster Sr. door een beroerte getroffen en overleden. Hij was 62 jaar oud. De sloep is op dinsdag 19 maart binnengekomen in IJmuiden. Van het overlijden van Krijn is op woensdag 20 maart 1907 in Velsen aangifte gedaan. Het stoffelijk overschot is donderdagavond 22 maart in Middelharnis aangekomen.
![]() |
| Maas- en Scheldebode, 23 maart 1907 |
Leendert van Gelder overleden in 1908
Leendert van Gelder (1872-1908) is overleden op 22 september 1908, 36 jaar oud. Hij was bemanningslid van de MD 13 Voorlichter schipper Mattheus den Braber. Het lichaam is geborgen. Het overlijden is in Vlaardingen aangegeven omdat de sloep daar binnenkwam.
Hij was gehuwd met Dirkje van Delft, ze hadden samen vijf kinderen.
Dirkje is later met Jacob, de broer van Leendert, getrouwd.
De scheepsramp met de Luctor et Emergo 1910, Krijn van Gelder omgekomen
In 24 januari 1910 verging de MD1 Luctor et Emergo tijdens noodweer in de omgeving van de Doggersbank. Krijn van Gelder (1884-1910) was matroos op deze sloep. Hij was 25 jaar en ongehuwd.
Cornelia en Jacob
Cornelia woonde na het overlijden van haar man met Magdalena, Krijn en Jacob in de Spuistraat op nummer D47. In 1910 is Krijn verdronken. Magdalena is in 1916 naar Sommelsdijk vertrokken vanwege haar huwelijk. Cornelia Koudijzer is op 3 mei 1918 overleden, 73 jaar oud. Jacob van Gelder bleef alleen achter. Op 15 oktober 1918 is hij getrouwd met Dirkje van Delft.
Leendert van Gelder (1872-1908) is overleden op 22 september 1908, 36 jaar oud. Hij was bemanningslid van de MD 13 Voorlichter schipper Mattheus den Braber. Het lichaam is geborgen. Het overlijden is in Vlaardingen aangegeven omdat de sloep daar binnenkwam.
Hij was gehuwd met Dirkje van Delft, ze hadden samen vijf kinderen.
Dirkje is later met Jacob, de broer van Leendert, getrouwd.
De scheepsramp met de Luctor et Emergo 1910, Krijn van Gelder omgekomen
In 24 januari 1910 verging de MD1 Luctor et Emergo tijdens noodweer in de omgeving van de Doggersbank. Krijn van Gelder (1884-1910) was matroos op deze sloep. Hij was 25 jaar en ongehuwd.
Cornelia en Jacob
Cornelia woonde na het overlijden van haar man met Magdalena, Krijn en Jacob in de Spuistraat op nummer D47. In 1910 is Krijn verdronken. Magdalena is in 1916 naar Sommelsdijk vertrokken vanwege haar huwelijk. Cornelia Koudijzer is op 3 mei 1918 overleden, 73 jaar oud. Jacob van Gelder bleef alleen achter. Op 15 oktober 1918 is hij getrouwd met Dirkje van Delft.
dinsdag 19 november 2013
Cornelis Arij van der Tak (1892-1910) en Arie Cornelis van der Tak (1895-1912)
Ouders
De ouders van deze jongens waren Jan van der Tak uit Sliedrecht en Aartje Razenberg uit Middelharnis. Aartje Razenberg had in 1885 een zoon gekregen die Krijn Razenberg heette. Op 19 augustus 1887 is ze getrouwd met een weduwnaar uit Sliedrecht met vier kinderen. Hij was arbeider en zij was dienstbode. De oudste kinderen van Jan en Aartje zijn in Sliedrecht geboren.
Cornelis Arij van der Tak werd op 16 mei 1892 in Middelharnis geboren en Arie Cornelis op 11 april 1895. Beide jongens werden visser evenals hun broers Geerit (geb.1888) en Adriaan geb.1901). Het gezin woonde in de Kaaidreef en later in de Spuistraat.
De oudere zuster van de jongens, Arendje van der Tak, trouwde op 29 september 1911 met Johannis van Dongen, visser, zoon van Gerrit van Dongen en Jannetje de Koning.
De ouders van deze jongens waren Jan van der Tak uit Sliedrecht en Aartje Razenberg uit Middelharnis. Aartje Razenberg had in 1885 een zoon gekregen die Krijn Razenberg heette. Op 19 augustus 1887 is ze getrouwd met een weduwnaar uit Sliedrecht met vier kinderen. Hij was arbeider en zij was dienstbode. De oudste kinderen van Jan en Aartje zijn in Sliedrecht geboren.
Cornelis Arij van der Tak werd op 16 mei 1892 in Middelharnis geboren en Arie Cornelis op 11 april 1895. Beide jongens werden visser evenals hun broers Geerit (geb.1888) en Adriaan geb.1901). Het gezin woonde in de Kaaidreef en later in de Spuistraat.
De oudere zuster van de jongens, Arendje van der Tak, trouwde op 29 september 1911 met Johannis van Dongen, visser, zoon van Gerrit van Dongen en Jannetje de Koning.
De scheepsrampen van 1910 en 1912
Cornelis Arij van der Tak was inbakker aan boord van de sloep MD1 Luctor et Emergo die rond 24 januari 1910 met man en muis is vergaan. Hij was 17 jaar.
Arie Cornelis van der Tak behoorde tot de bemanning van de MD3 Anna die rond 13 januari 1912 met volledige bemanning ten onder is gegaan. Hij was 16 jaar.
Labels:
arbeider,
Dienstbode,
scheepsramp 1910,
scheepsramp 1912
vrijdag 9 augustus 2013
Matthijs Onderdelinden (1818-1896) en Aagje Korteweg (1819-1895)
De oudste kinderen van Matthijs Onderdelinden en Aagje Korteweg zijn in Middelharnis geboren en de jongere kinderen op Texel in De Cocksdorp. Reden om hun levensloop nader te bekijken. Ook bijzonder is dat ze ruim vijftig jaar bij elkaar geweest zijn, in de negentiende eeuw kwam dit weinig voor.
Schelpenvisser op Texel
![]() |
| Maas- en Scheldebode, 25 augustus 1893 |
Ouders
Aagje Korteweg is een dochter van Cornelis Korteweg en Leentje Hollaar. Ze is geboren op 24 april 1819 in Sommelsdijk.
Matthijs Onderdelinden (ook wel geschreven als Onderdelinde, Onder de Linden en varianten) is een zoon van Gerrit Onderdelinden en Neeltje Dominé, geboren op 6 oktober 1818.
Zie ook de tekst op "Arjaentje" van 7 augustus 2013.
Zie ook de tekst op "Arjaentje" van 7 augustus 2013.
Matthijs was negen jaar oud toen zijn vader op 5 maart 1828 verdronk.
Gerrit Onderdelinden (1798-1828) was een van de bemanningsleden van de sloep Catharina Elisabeth die met man en muis vergaan is. De moeder van Matthijs is in 1831 hertrouwd.
Huwelijk en kinderen van Matthijs Onderdelinden en Aagje Korteweg
Aagje Korteweg heeft op 6 december 1842 een zoon gekregen die Gerrit Korteweg heette. Matthijs Onderdelinden en Aagje Korteweg zijn op 20 augustus 1843 in Sommelsdijk getrouwd, allebei 24 jaar oud. Matthijs heeft het kind van Aagje toen erkend. Helaas is Gerrit een maand na het huwelijk op 18 september 1843 overleden.
Matthijs was visser toen hij trouwde en Aagje was arbeidster.
Op 4 januari 1845 werd Cornelis Leendert Onderdelinden geboren, dochter Neeltje uit 1847 leefde maar kort, in 1849 werd opnieuw een dochter Neeltje geboren, in 1851 kwam Leentje en in december 1852 Gerritje. Deze kinderen zijn in Middelharnis geboren.
Pieter Onderdelinden werd op 25 maart 1854 op Texel - De Cocksdorp geboren, Wouterina in 1856 , Gerrit Onderdelinden in 1857. Ook werd op Texel twee keer een dochtertje Marina geboren in 1858 en 1859, zij hebben allebei maar kort geleefd.
Matthijs was visser toen hij trouwde en Aagje was arbeidster.
Op 4 januari 1845 werd Cornelis Leendert Onderdelinden geboren, dochter Neeltje uit 1847 leefde maar kort, in 1849 werd opnieuw een dochter Neeltje geboren, in 1851 kwam Leentje en in december 1852 Gerritje. Deze kinderen zijn in Middelharnis geboren.
Pieter Onderdelinden werd op 25 maart 1854 op Texel - De Cocksdorp geboren, Wouterina in 1856 , Gerrit Onderdelinden in 1857. Ook werd op Texel twee keer een dochtertje Marina geboren in 1858 en 1859, zij hebben allebei maar kort geleefd.
Marinus Onderdelinden was de jongste zoon, geboren 28 april 1861 op Texel.
Matthijs en Aagje zijn in 1853 naar Texel verhuisd. Het moment van verhuizen valt samen met het overlijden van Cornelis Vervaart, de stiefvader van Matthijs (zie bericht van 7 augustus 2013).
Matthijs vond werk als schelpenvisser in De Cocksdorp, een dorp dat in korte tijd uit de grond gestampt en bewoond geraakt was. In 1855 waren er 276 inwoners.
Texel kende, anders dan Middelharnis, verschillende maritieme bedrijfstakken. Naast de visserij waren ook de wiernijverheid en de schelpenvisserij van belang. De schelpenvisserij won vanaf 1848 op Texel aan betekenis. De schelpen, meestal van kokkels, werden met een soort hark binnenboord gehaald en vervolgens naar kalkbranderijen in Makkum of Harlingen vervoerd. Ook werden ze op andere plaatsen afgeleverd ten behoeve van aanleg en onderhoud van wegen. In de jaren vijftig en zestig van de negentiende eeuw had Texel een aandeel van 85% in de schelpenvisserij in Noord-Holland terwijl dit eerst 25% was. Door de grote concurrentie raakten de schelpenbanken uitgeput. De neergang van deze sector zette rond 1870 in (1).
Matthijs Onderdelinden vond tijdens deze bloeiperiode werk als schelpenvisser op Texel. Toen het in Middelharnis weer beter ging met de visserij halverwege de jaren zestig keerde hij terug naar zijn geboortedorp.
Matthijs vond werk als schelpenvisser in De Cocksdorp, een dorp dat in korte tijd uit de grond gestampt en bewoond geraakt was. In 1855 waren er 276 inwoners.
Texel kende, anders dan Middelharnis, verschillende maritieme bedrijfstakken. Naast de visserij waren ook de wiernijverheid en de schelpenvisserij van belang. De schelpenvisserij won vanaf 1848 op Texel aan betekenis. De schelpen, meestal van kokkels, werden met een soort hark binnenboord gehaald en vervolgens naar kalkbranderijen in Makkum of Harlingen vervoerd. Ook werden ze op andere plaatsen afgeleverd ten behoeve van aanleg en onderhoud van wegen. In de jaren vijftig en zestig van de negentiende eeuw had Texel een aandeel van 85% in de schelpenvisserij in Noord-Holland terwijl dit eerst 25% was. Door de grote concurrentie raakten de schelpenbanken uitgeput. De neergang van deze sector zette rond 1870 in (1).
Matthijs Onderdelinden vond tijdens deze bloeiperiode werk als schelpenvisser op Texel. Toen het in Middelharnis weer beter ging met de visserij halverwege de jaren zestig keerde hij terug naar zijn geboortedorp.
Terug naar Middelharnis
Matthijs Onderdelinden en Aagje Korteweg zijn op 11 augustus 1865 met hun acht kinderen (vier zonen en vier dochters) teruggekomen naar Middelharnis waar Matthijs weer visser werd. De vier zonen Cornelis Leendert, Pieter, Gerrit en Marinus werden eveneens visser. De dochters werden dienstbode en trouwden met een visser of een arbeider.
De kinderen
- Cornelis Leendert Onderdelinden werd visser en hij trouwde met Jannetje van Antwerpen. Zij zijn in 1871 kort na de geboorte van hun dochter Aagje naar Noord-Amerika verhuisd, in 1874 teruggekomen en in februari 1882 voorgoed met hun twee kinderen naar Noord-Amerika (Paterson) geëmigreerd.
Matthijs Onderdelinden en Aagje Korteweg zijn op 11 augustus 1865 met hun acht kinderen (vier zonen en vier dochters) teruggekomen naar Middelharnis waar Matthijs weer visser werd. De vier zonen Cornelis Leendert, Pieter, Gerrit en Marinus werden eveneens visser. De dochters werden dienstbode en trouwden met een visser of een arbeider.
De kinderen
- Cornelis Leendert Onderdelinden werd visser en hij trouwde met Jannetje van Antwerpen. Zij zijn in 1871 kort na de geboorte van hun dochter Aagje naar Noord-Amerika verhuisd, in 1874 teruggekomen en in februari 1882 voorgoed met hun twee kinderen naar Noord-Amerika (Paterson) geëmigreerd.
- Neeltje Onderdelinden trouwde in 1873 met Johannis Springvloet Dubbeld die arbeider was. Dit gezin is al vroeg naar Rotterdam vertrokken waar Johannis in 1884 overleden is. Neeltje heeft nog twee jaar in Middelharnis gewoond met haar vijf kinderen en is in 1886 weer naar Rotterdam verhuisd. Ze is hertrouwd en in 1925 overleden.
- Leentje Onderdelinden trouwde in 1878 met Machiel Dubbeld, die visser was. Een zoon van Hendrik Dubbeld en Woutrina van den Bos. Leentje is in 1908 overleden.
- Gerritje Onderdelinden was dienstbode en is in 1876 getrouwd met Jan Breeman, visser, zoon van Job Breeman (visser) en Neeltje van den Broeke. Jan Breeman is al in 1886 overleden. Gerritje had een winkeltje om in haar levensonderhoud te voorzien. Ze is hertrouwd en in 1936 in Oegstgeest overleden.
Drie van de zonen van Matthijs en Aagje bleven visser in Middelharnis. Een beroep met een hoog risico en veel slachtoffers, ook in de familie Onderdelinden.
Op zee gebleven
Zoals we zagen was de vader van Matthijs in 1828 verdronken de ramp met de Catharina Elisabeth.
De jongste zoon van Matthijs en Aagje, Marinus Onderdelinden (1861-1895), is omgekomen bij de ramp met sloep Zeemanshoop in de nacht van 6 op 7 december 1895. Geertje Vroegindeweij bleef met zeven jonge kinderen achter, de jongste was begin 1895 geboren en de oudste in januari 1885.
Moeder Aagje Korteweg is drie weken na deze ramp overleden, 76 jaar oud en vader Matthijs Onderdelinden enkele maanden later op 77-jarige leeftijd.
De volgende generatie telde twee heel jonge slachtoffers, allebei aan boord van Luctor et Emergo die op 24 januari 1910 met de volledige bemanning is vergaan. Marinus Onderdelinden (1898-1910) was elf jaar, bijna twaalf en zijn neef Machiel Onderdelinden (1891-1910) was achttien jaar oud. Marinus was koffiekoker en Machiel was bovenman.
Arjanus Faasse heeft vanaf april 1909 als elfjarige als kofjekokertje gevaren op de Luctor et Emergo. In het najaar van 1909 kwam Marinus Onderdelinden in zijn plaats. Arjanus schrijft (2):
Machiel was een zoon van Pieter Onderdelinde en Huibertje Dubbeld, geboren op 26 november 1891. Zie voor de familie Dubbeld de tekst van 12 juli 1913.
- Leentje Onderdelinden trouwde in 1878 met Machiel Dubbeld, die visser was. Een zoon van Hendrik Dubbeld en Woutrina van den Bos. Leentje is in 1908 overleden.
- Gerritje Onderdelinden was dienstbode en is in 1876 getrouwd met Jan Breeman, visser, zoon van Job Breeman (visser) en Neeltje van den Broeke. Jan Breeman is al in 1886 overleden. Gerritje had een winkeltje om in haar levensonderhoud te voorzien. Ze is hertrouwd en in 1936 in Oegstgeest overleden.
- Pieter Onderdelinden werd visser, Hij trouwde in 1881 met Huibertje Dubbeld, een zus van bovengenoemde Machiel. Zij kregen zes kinderen.
- Wouterina Onderdelinden is in 1880 met Daniël Adrianus de Graaf een arbeider uit Den Bommel getrouwd.
- Gerrit Onderdelinden werd ook visser en trouwde met Gijsje Klaasje Koper,een dienstbode uit Sommelsdijk. Ze kregen zeven kinderen.
- Marinus werd visser en trouwde in 1884 met Geertje Vroegindeweij. Zij kregen zeven kinderen waarvan er een jong overleden is.
Drie van de zonen van Matthijs en Aagje bleven visser in Middelharnis. Een beroep met een hoog risico en veel slachtoffers, ook in de familie Onderdelinden.
Op zee gebleven
Zoals we zagen was de vader van Matthijs in 1828 verdronken de ramp met de Catharina Elisabeth.
De jongste zoon van Matthijs en Aagje, Marinus Onderdelinden (1861-1895), is omgekomen bij de ramp met sloep Zeemanshoop in de nacht van 6 op 7 december 1895. Geertje Vroegindeweij bleef met zeven jonge kinderen achter, de jongste was begin 1895 geboren en de oudste in januari 1885.
Moeder Aagje Korteweg is drie weken na deze ramp overleden, 76 jaar oud en vader Matthijs Onderdelinden enkele maanden later op 77-jarige leeftijd.
De volgende generatie telde twee heel jonge slachtoffers, allebei aan boord van Luctor et Emergo die op 24 januari 1910 met de volledige bemanning is vergaan. Marinus Onderdelinden (1898-1910) was elf jaar, bijna twaalf en zijn neef Machiel Onderdelinden (1891-1910) was achttien jaar oud. Marinus was koffiekoker en Machiel was bovenman.
Arjanus Faasse heeft vanaf april 1909 als elfjarige als kofjekokertje gevaren op de Luctor et Emergo. In het najaar van 1909 kwam Marinus Onderdelinden in zijn plaats. Arjanus schrijft (2):
In de winter volgende op het jaar waarin ik mijn eerste zomerreis maakte, is deze sloep gebleven op het zeemanskerkhof. Waarom moest Marinus Onderdelinden, die in mijn plaats in het najaar aan boord stapte van de Luctor Et Emergo met twaalf mensen verdrinken ? Waarschijnlijk onder een hoop water bedolven tijdens een vliegende storm. Noch van het schip, noch van de bemanning, noch van de tuigage of enig ander onderdeel van het schip heeft men ooit iets teruggezien. Men wachtte maar en men wachtte, maar men wachtte tevergeefsMarinus was een zoon van Gerrit Onderdelinden en Gijsje Klaasje Koper, hij werd op 16 februari 1898 geboren (3).
Machiel was een zoon van Pieter Onderdelinde en Huibertje Dubbeld, geboren op 26 november 1891. Zie voor de familie Dubbeld de tekst van 12 juli 1913.
1.Rob van Ginkel. Tussen Scylla en Charybdis, een etnohistorie van Texels vissersvolk (1813-1932). p.51, 121-124.
2. Arjanus Faasse, Zee en eiland, Middelharnis, ca. 1962, p. 49 en 84
Genealogische gegevens Onderdelinden zijn ontleend aan Genealogie Onderdelinden op de website Rijerkerk.net. zie de nrs. 121,174,245,382-390.
3. Over hun zoon Matthijs geb 1902 staat onder nummer 543 vermeld dat hij in 1923 als verstekeling probeerde naar Paterson te komen. Hij is teruggestuurd naar Nederland.
2. Arjanus Faasse, Zee en eiland, Middelharnis, ca. 1962, p. 49 en 84
Genealogische gegevens Onderdelinden zijn ontleend aan Genealogie Onderdelinden op de website Rijerkerk.net. zie de nrs. 121,174,245,382-390.
3. Over hun zoon Matthijs geb 1902 staat onder nummer 543 vermeld dat hij in 1923 als verstekeling probeerde naar Paterson te komen. Hij is teruggestuurd naar Nederland.
maandag 10 juni 2013
Cornelis de Koning (1786-1828) en Stijntje Blok (1788-1868)
Ouders
Cornelis (de) Koning is een zoon van Leendert Cornelisz de Koning en Maatje van Brugge(n). Hij is geboren op 21 mei 1786.
Stijntje of Stientje Blok was een dochter van Gerrit Blok en Aartje Bouwe. Ze is gedoopt op 14 september 1788.
Huwelijk en kinderen
Cornelis Koning en Stijntje Blok trouwden op 9 december 1814, 28 en 26 jaar oud.
Kinderen:
Maatje Koning (1815-1853) werd op 11 september 1815 geboren. Zij trouwde niet en is overleden in 1853, 38 jaar oud.
Leendert de Koning (1817-1864), geboren 29 januari 1817. Hij trouwde op 2 december 1839 met Pieternella Rooij. Hij is van haar gescheiden omdat zij overspel pleegde en op 10 mei 1856 hertrouwd met Adriana Verhage.
Gerrit de Koning (1821-1865), geboren op 4 juni 1821. Hij trouwde op 29 april 1848 met Baaltje de Jong (1826-1863). Ze kregen zes kinderen, waarvan er een levenloos geboren is en een na zeven maanden overleden. Baaltje is op 24 april 1863 overleden, waarna Gerrit op 14 november 1864 met Louiza Vroegindeweij (1825-1912) trouwde.
Arend de Koning (1823-1865), geboren op 27 november 1823, trouwde op 10 mei 1849 met Maria van Gelder (1824-1881). Op 12 november 1849 werd Cornelis geboren, op 28 juli 1851 Jakob. Daarna volgden Christina (1853), Neeltje (1856), Leendert (1859), Lena (1862), zij is maar een jaar oud geworden. Arend werd op 12 december 1864 geboren.
Aartje de Koning (1826-1919) is op 14 april 1851 met Anthonij van Dongen getrouwd.
Cornelis de Koning overleed in 1828, 41 jaar oud. Stijntje is 79 geworden, ze is niet hertrouwd.
De ramp met de Lucretia Adelaïde 1865.
In februari 1865 is de sloep Lucretia Adelaïde van reder Kolff uit Middelharnis vertrokken. rond 20 februari is de sloep met de volledige bemanning vergaan. Schipper was de 41-jarige Arend de Koning (1823-1865) (1).
Twee zoons van Arend de Koning en Maria van Gelder waren ook aan boord van deze sloep.
Hun oudste zoon Cornelis de Koning (1849-1865) was vijftien jaar en de tweede zoon Jakob de Koning (1851-1865) nog maar dertien jaar toen ze om het leven kwamen.
Maria van Gelder bleef achter met vier kinderen, waarvan de jongste twee maanden oud was.
Gerrit de Koning (1821-1865), oudere broer van Arend, was eveneens aan boord. Hij was 43 jaar. Louize Vroegindeweij werd enkele maanden na haar huwelijk met Gerrit weduwe. Uit zijn eerste huwelijk waren vier kinderen in leven ten tijde van de ramp.
Zoals gebruikelijk werden diverse inzamelingsacties voor de weduwen en wezen gehouden. Waaronder deze actie van de rederijkerskamer van Sommelsdijk.
Meer familieleden op zee gebleven
- De man van dochter Aartje de Koning heette Anthonij van Dongen (1825-1863). Hij was een van de bemanningsleden van de Eben Haëzer, de sloep die in 1863 is vergaan. zie tekst van 15 maart 2013.
- Vlak voor de ramp met de Lucretia Adelaïde, op 12 december 1864, hadden Arend de Koning en Maria van Gelder een zoon gekregen. Hij heette eveneens Arend de Koning (1864-1899). Hij trouwde op 26 oktober 1888 met Trijntje Boogerman. In 1899 is Arend omgekomen toen de MD 7 Toekomst werd overvaren in het Skagerrak.
- Bij de ramp met de MD 1 Luctor et Emergo is Arij de Koning (1896-1910) omgekomen, de dertienjarige zoon van bovenvermelde Arend de Koning en Trijntje Boogerman. Hij is geboren op 25 juli 1896. Uit hetzelfde gezin kwamen nog twee zoons om:
- Leendert Cornelis de Koning (1892-1919) was aan boord van de zeillogger IJM 301 Hendrik Willem* die op 12 maart 1919 op een mijn is gelopen en vergaan. Leendert Cornelis is geboren op 7 december 1892.
- Arend de Koning (1890-1941) is omgekomen bij de ramp van de MS Slamat op 27 april 1941 samen met 943 andere opvarenden van dit koopvaardijschip en van twee Engelse destroyers. Hij was de oudste zoon, geboren 19 januari 1890.
Met dank aan Harry de Hamer voor de aanvullende gegevens over de zonen van Arend de Koning en Trijntje Boogerman
* andere vissers uit Middelharnis aan boord van de Hendrik Willem: Aren Roodzant en Jacob van Gelder (zie bericht 11 februari 2012) en Hubrecht van den Hoek (zie bericht van 17 mei 2013).
Cornelis (de) Koning is een zoon van Leendert Cornelisz de Koning en Maatje van Brugge(n). Hij is geboren op 21 mei 1786.
Stijntje of Stientje Blok was een dochter van Gerrit Blok en Aartje Bouwe. Ze is gedoopt op 14 september 1788.
Huwelijk en kinderen
Cornelis Koning en Stijntje Blok trouwden op 9 december 1814, 28 en 26 jaar oud.
Kinderen:
Maatje Koning (1815-1853) werd op 11 september 1815 geboren. Zij trouwde niet en is overleden in 1853, 38 jaar oud.
Leendert de Koning (1817-1864), geboren 29 januari 1817. Hij trouwde op 2 december 1839 met Pieternella Rooij. Hij is van haar gescheiden omdat zij overspel pleegde en op 10 mei 1856 hertrouwd met Adriana Verhage.
Gerrit de Koning (1821-1865), geboren op 4 juni 1821. Hij trouwde op 29 april 1848 met Baaltje de Jong (1826-1863). Ze kregen zes kinderen, waarvan er een levenloos geboren is en een na zeven maanden overleden. Baaltje is op 24 april 1863 overleden, waarna Gerrit op 14 november 1864 met Louiza Vroegindeweij (1825-1912) trouwde.
Arend de Koning (1823-1865), geboren op 27 november 1823, trouwde op 10 mei 1849 met Maria van Gelder (1824-1881). Op 12 november 1849 werd Cornelis geboren, op 28 juli 1851 Jakob. Daarna volgden Christina (1853), Neeltje (1856), Leendert (1859), Lena (1862), zij is maar een jaar oud geworden. Arend werd op 12 december 1864 geboren.
Aartje de Koning (1826-1919) is op 14 april 1851 met Anthonij van Dongen getrouwd.
Cornelis de Koning overleed in 1828, 41 jaar oud. Stijntje is 79 geworden, ze is niet hertrouwd.
De ramp met de Lucretia Adelaïde 1865.
In februari 1865 is de sloep Lucretia Adelaïde van reder Kolff uit Middelharnis vertrokken. rond 20 februari is de sloep met de volledige bemanning vergaan. Schipper was de 41-jarige Arend de Koning (1823-1865) (1).
Twee zoons van Arend de Koning en Maria van Gelder waren ook aan boord van deze sloep.
Hun oudste zoon Cornelis de Koning (1849-1865) was vijftien jaar en de tweede zoon Jakob de Koning (1851-1865) nog maar dertien jaar toen ze om het leven kwamen.
Maria van Gelder bleef achter met vier kinderen, waarvan de jongste twee maanden oud was.
Gerrit de Koning (1821-1865), oudere broer van Arend, was eveneens aan boord. Hij was 43 jaar. Louize Vroegindeweij werd enkele maanden na haar huwelijk met Gerrit weduwe. Uit zijn eerste huwelijk waren vier kinderen in leven ten tijde van de ramp.
Zoals gebruikelijk werden diverse inzamelingsacties voor de weduwen en wezen gehouden. Waaronder deze actie van de rederijkerskamer van Sommelsdijk.
![]() |
| Zierikzeesche Nieuwsbode 19 april 1865 |
Meer familieleden op zee gebleven
- De man van dochter Aartje de Koning heette Anthonij van Dongen (1825-1863). Hij was een van de bemanningsleden van de Eben Haëzer, de sloep die in 1863 is vergaan. zie tekst van 15 maart 2013.
- Vlak voor de ramp met de Lucretia Adelaïde, op 12 december 1864, hadden Arend de Koning en Maria van Gelder een zoon gekregen. Hij heette eveneens Arend de Koning (1864-1899). Hij trouwde op 26 oktober 1888 met Trijntje Boogerman. In 1899 is Arend omgekomen toen de MD 7 Toekomst werd overvaren in het Skagerrak.
- Bij de ramp met de MD 1 Luctor et Emergo is Arij de Koning (1896-1910) omgekomen, de dertienjarige zoon van bovenvermelde Arend de Koning en Trijntje Boogerman. Hij is geboren op 25 juli 1896. Uit hetzelfde gezin kwamen nog twee zoons om:
- Leendert Cornelis de Koning (1892-1919) was aan boord van de zeillogger IJM 301 Hendrik Willem* die op 12 maart 1919 op een mijn is gelopen en vergaan. Leendert Cornelis is geboren op 7 december 1892.
- Arend de Koning (1890-1941) is omgekomen bij de ramp van de MS Slamat op 27 april 1941 samen met 943 andere opvarenden van dit koopvaardijschip en van twee Engelse destroyers. Hij was de oudste zoon, geboren 19 januari 1890.
Jeroen Hendrik de Koning (1897) was de jongste van het gezin, hij is eveneens visser geworden, bij was een van de bemanningsleden van de Oranje Nassau bij de stranding in 1913.
Naast de genoemde zonen waren er twee dochters: Neeltje (1891) en Maria (1895). Cornelis, geboren 14 maart 1899 is op 17 juli 1900 overleden.
1. Bronnen voor deze slachtoffers van de ramp van 1865: Bevolkingsregister 1861-1890 Middelharnis, huwelijksbijlagen 1871 akte 19 en 1882 akte 23.Naast de genoemde zonen waren er twee dochters: Neeltje (1891) en Maria (1895). Cornelis, geboren 14 maart 1899 is op 17 juli 1900 overleden.
Met dank aan Harry de Hamer voor de aanvullende gegevens over de zonen van Arend de Koning en Trijntje Boogerman
* andere vissers uit Middelharnis aan boord van de Hendrik Willem: Aren Roodzant en Jacob van Gelder (zie bericht 11 februari 2012) en Hubrecht van den Hoek (zie bericht van 17 mei 2013).
dinsdag 21 mei 2013
Van den Hoek, stuurlieden op de sloepen van Middelharnis (1866-1912)
Opvallend veel stuurlieden van de vissersvloot van Middelharnis droegen aan het eind van de negentiende en begin van de twintigste eeuw de naam Van den Hoek. Deze naam kwam eerder niet voor onder de vissers van Middelharnis. Uit de burgerlijke stand en het bevolkingsregister blijkt dat het om zeven broers gaat die 'visscherstuurman' waren.
Cornelis van den Hoek, de vader van de gebroeders van den Hoek was landarbeider in Dirksland, later pakhuisknecht en winkelier in Middelharnis. Zijn zeven zoons werden allemaal schipper op een sloep uit Middelharnis.
Op de onderstaande pagina zien we (van oud naar jong):
1. Jacob van den Hoek (1844-1917) stuurman van de MD 16 Op Hoop van Zegen van Kolff
2. Huibrecht van den Hoek (1846-1931) stuurman van de MD 18 Zeemanshoop van reder Kolff
3. Jacobus van den Hoek (1849-1935) stuurman van de MD 3 Nijverheid van Slis
4. Cornelis van den Hoek (1851-1932) stuurman van de MD 28 Vertrouwen van Slis
5. Jan van den Hoek (1856-1929) stuurman van de MD 8 Willem de Zwijger van Slis
6. Willem van den Hoek (1860-1910) stuurman van de MD 2 Maria Cornelia van reder Slis
7. Dirk van den Hoek (1861-1943) was van 1894 tot en met 1896 stuurman op de MD 6 Titia Jacoba van Slis.
De eerste die stuurman werd, was Jacob. Hij kwam in 1866 op de leeftijd van 22 jaar al als stuurman op de sloep Op Hoop van Zegen te werken, toen MHS 1. Jacob is eind 1866 getrouwd. Zijn schoonvader was Hendrik Langbroek, die eveneens stuurman was. Jacob is in 1899 gestopt en toen nog pakhuisknecht geworden.
Cornelis is in 1874 (23 jaar) stuurman geworden van de Waakzaamheid. Ook zijn schoonvader Glijn Langbroek was stuurman geweest.
Cornelis van den Hoek, de vader van de gebroeders van den Hoek was landarbeider in Dirksland, later pakhuisknecht en winkelier in Middelharnis. Zijn zeven zoons werden allemaal schipper op een sloep uit Middelharnis.
Op de onderstaande pagina zien we (van oud naar jong):
1. Jacob van den Hoek (1844-1917) stuurman van de MD 16 Op Hoop van Zegen van Kolff
2. Huibrecht van den Hoek (1846-1931) stuurman van de MD 18 Zeemanshoop van reder Kolff
3. Jacobus van den Hoek (1849-1935) stuurman van de MD 3 Nijverheid van Slis
4. Cornelis van den Hoek (1851-1932) stuurman van de MD 28 Vertrouwen van Slis
5. Jan van den Hoek (1856-1929) stuurman van de MD 8 Willem de Zwijger van Slis
6. Willem van den Hoek (1860-1910) stuurman van de MD 2 Maria Cornelia van reder Slis
![]() |
| Sloepen van Middelharnis, 1888-1889 |
7. Dirk van den Hoek (1861-1943) was van 1894 tot en met 1896 stuurman op de MD 6 Titia Jacoba van Slis.
De eerste die stuurman werd, was Jacob. Hij kwam in 1866 op de leeftijd van 22 jaar al als stuurman op de sloep Op Hoop van Zegen te werken, toen MHS 1. Jacob is eind 1866 getrouwd. Zijn schoonvader was Hendrik Langbroek, die eveneens stuurman was. Jacob is in 1899 gestopt en toen nog pakhuisknecht geworden.
Cornelis is in 1874 (23 jaar) stuurman geworden van de Waakzaamheid. Ook zijn schoonvader Glijn Langbroek was stuurman geweest.
Huibrecht werd in 1876 stuurman van de gloednieuwe sloep Zeemanshoop, 31 jaar oud.
Jacobus werd in 1877 stuurman van de Waakzaamheid. Hij is tot de zomer van 1912 stuurman gebleven.
Jan trouwde in 1879 en werd in hetzelfde jaar stuurman van de Willem de Zwijger, 23 jaar oud. Hij is tot de zomer van 1912 stuurman gebleven.
Jan trouwde in 1879 en werd in hetzelfde jaar stuurman van de Willem de Zwijger, 23 jaar oud. Hij is tot de zomer van 1912 stuurman gebleven.
Willem was 28 jaar toen hij in 1888 trouwde, hij was sinds 1884 stuurman van de Maria Cornelia.
Van de volgende generatie is alleen Cornelis van den Hoek Jzn. stuurman geworden. Hij was in 1901 en 1902 korte tijd schipper van de MD 15 Poolster. Hij was een zoon van Jacob van den Hoek en Johanna Langbroek.
De laatste vermelding van schippers met de naam Van den Hoek is in de zomer van 1912 toen de vloot nog maar uit negen sloepen bestond:
Jacobus van den Hoek op de MD 2 Prinses Juliana van Slis
Jan van den Hoek op de MD 4 Theodora Emmerentia van Slis
Zonen van landarbeider werden schipper
De loopbaan van de zoons van Cornelis van den Hoek en Cornelia van Okkenburg is bijzonder. De regel was dat vissers zonen van vissers uit Middelharnis waren. Er waren echter ook uitzonderingen, waaronder de broers Van den Hoek. Hun vader, Cornelis van den Hoek, was een landarbeider uit Dirksland. Er was duidelijk sprake van maatschappelijke stijging: een visser stond hoger in aanzien dan een landarbeider en een stuurman was de hoogste in rang op een vissloep, iemand met veel verantwoordelijkheid en een hogere verdienste dan de matrozen.
In 1887 hadden zes van de twintig sloepen van Middelharnis een Van den Hoek als stuurman.
Er zijn verschillende factoren die bij dit maatschappelijk succes een rol gespeeld hebben.
1. Toen de broers Van den Hoek volwassen werden vanaf ca. 1865 groeide de vissersvloot en daarom was er ruimte voor nieuwkomers
2. Vader Cornelis toonde initiatief door het bestaan als landarbeider in Dirksland vaarwel te zeggen en in Middelharnis te gaan werken
3. Vader Cornelis ging werken als knecht bij een wijnpakhuis, dat moet bij de reder Kolff geweest zijn. De jongens waren zodoende in beeld om al vroeg naar zee te gaan. Ze groeiden op in de nabijheid van de haven.
4. Partnerkeuze. Drie van de zeven broers trouwden een dochter van een stuurman.
5. De vaardigheden en de karaktereigenschappen om als schipper te kunnen functioneren.
Ik vermoed dat ze zich vooral op dit laatste punt onderscheiden hebben. Arjanus Faasse beschrijft Jan van den Hoek in zijn boek 'Zee en eiland' (pagina 114 en 115).
Jan komt naar voren als iemand met veel vakkennis en ervaring, natuurlijk gezag, weinig spraakzaam, beheerst, oprecht, vroom en streng. Het zullen deze eigenschappen geweest zijn die zijn broers ook in meer of mindere mate hadden en die maakten dat ze stuurman werden en gedurende lange tijd bleven.
Averij en aanvaring
De jonge schipper Jacob van den Hoek, begonnen toen hij 22 jaar was in 1866, liep in zijn tweede jaar (27 maart 1867) averij op aan de mast van de sloep Op Hoop van Zegen.
Jan van den Hoek, schipper van de Willem de Zwijger, had op 14 maart 1880, ook aan het begin van zijn loopbaan, een kapotte mast. In 1912 liep hij averij op met de Theodora Emmerentia, de MD 4 van Slis.
Cornelis van den Hoek had op 2 november 1894 met de MD 28 Vertrouwen van Slis een gebroken mast en een beschadigde jol. In april 1911 maakte hij zijn laatste reis met deze sloep
Van de volgende generatie is alleen Cornelis van den Hoek Jzn. stuurman geworden. Hij was in 1901 en 1902 korte tijd schipper van de MD 15 Poolster. Hij was een zoon van Jacob van den Hoek en Johanna Langbroek.
De laatste vermelding van schippers met de naam Van den Hoek is in de zomer van 1912 toen de vloot nog maar uit negen sloepen bestond:
Jacobus van den Hoek op de MD 2 Prinses Juliana van Slis
Jan van den Hoek op de MD 4 Theodora Emmerentia van Slis
Zonen van landarbeider werden schipper
De loopbaan van de zoons van Cornelis van den Hoek en Cornelia van Okkenburg is bijzonder. De regel was dat vissers zonen van vissers uit Middelharnis waren. Er waren echter ook uitzonderingen, waaronder de broers Van den Hoek. Hun vader, Cornelis van den Hoek, was een landarbeider uit Dirksland. Er was duidelijk sprake van maatschappelijke stijging: een visser stond hoger in aanzien dan een landarbeider en een stuurman was de hoogste in rang op een vissloep, iemand met veel verantwoordelijkheid en een hogere verdienste dan de matrozen.
In 1887 hadden zes van de twintig sloepen van Middelharnis een Van den Hoek als stuurman.
Er zijn verschillende factoren die bij dit maatschappelijk succes een rol gespeeld hebben.
1. Toen de broers Van den Hoek volwassen werden vanaf ca. 1865 groeide de vissersvloot en daarom was er ruimte voor nieuwkomers
2. Vader Cornelis toonde initiatief door het bestaan als landarbeider in Dirksland vaarwel te zeggen en in Middelharnis te gaan werken
3. Vader Cornelis ging werken als knecht bij een wijnpakhuis, dat moet bij de reder Kolff geweest zijn. De jongens waren zodoende in beeld om al vroeg naar zee te gaan. Ze groeiden op in de nabijheid van de haven.
4. Partnerkeuze. Drie van de zeven broers trouwden een dochter van een stuurman.
5. De vaardigheden en de karaktereigenschappen om als schipper te kunnen functioneren.
Ik vermoed dat ze zich vooral op dit laatste punt onderscheiden hebben. Arjanus Faasse beschrijft Jan van den Hoek in zijn boek 'Zee en eiland' (pagina 114 en 115).
Jan komt naar voren als iemand met veel vakkennis en ervaring, natuurlijk gezag, weinig spraakzaam, beheerst, oprecht, vroom en streng. Het zullen deze eigenschappen geweest zijn die zijn broers ook in meer of mindere mate hadden en die maakten dat ze stuurman werden en gedurende lange tijd bleven.
In de winter van 1910/11 voer ik op de Theodora-Emmerentia, de M.D. 4. Schipper Jan van den Hoek, een broer van Willem van den Hoek van de Luctor et Emergo, die kort geleden "gebleven" was. De. M.D.4 was een ijzeren of stalen anderhalf-master, grijs geverfd en het was de snelst varende sloep van de vloot. Jan van den Hoek was een "gelukkige" schipper, een echte mannetjesputter ter zee, zonder pretenties schipper bij de gratie Gods, een vanzelfsprekende gezagsdrager, ongeforceerd, natuurlijk. Napoleon heeft eens gezegd : Frankrijk ben ik. Jan van den Hoek zei niks, maar hij was de beugvisserij.
Van de kleine "grote man", stevig gebouwd en stoer met de handen in de zakken van de wijde zeemansbroek, rammelende met de sleutels, ging gezag en invloed uit. Met de grijze, strenge maar toch ook niet onvriendelijke ogen regeerde hij niet alleen de bemanning, maar ook zou men haast gezegd hebben: het weer. Onder collega's had zijn stem een doorslaggevende betekenis. Ik heb hem nooit in paniekstemming gezien. Zelfs in hachelijke situaties kon hij zich nog beheersen. Zijn bevelen werden stipt uitgevoerd. Niemand dacht eraan het anders te doen, het was altijd goed. Als hij mij een schouderklopje gaf (dat gebeurde niet vaak) was mijn dag weer goed. Volgens mij was hij een oprecht en vroom man, maar streng.
De jonge schipper Jacob van den Hoek, begonnen toen hij 22 jaar was in 1866, liep in zijn tweede jaar (27 maart 1867) averij op aan de mast van de sloep Op Hoop van Zegen.
Jan van den Hoek, schipper van de Willem de Zwijger, had op 14 maart 1880, ook aan het begin van zijn loopbaan, een kapotte mast. In 1912 liep hij averij op met de Theodora Emmerentia, de MD 4 van Slis.
Cornelis van den Hoek had op 2 november 1894 met de MD 28 Vertrouwen van Slis een gebroken mast en een beschadigde jol. In april 1911 maakte hij zijn laatste reis met deze sloep
Jacobus van den Hoek kwam op 10 februari 1908 met De MD 2 Doggersbank van rederij Slis in aanvaring met een Engelse stoomtrawler. De gehele bemanning kon worden gered.
Man over boord
In 1882 is Jeroen Langbroek (1866-1882) geboren 28 augustus 1866, zoon van Simon Langbroek en Neeltje van der Sluis, bij het neerhalen van de stagfok overboord geslagen en verdronken. Dit gebeurde op de MD 1 Waakzaamheid, stuurman Jacobus van den Hoek.
Op 27 januari 1894 is Pieter Faasse (1862-1894), geboren 18 maart 1862 in Sommelsdijk, op de MD 7 Toekomst (voorheen Avenir) stuurman Jan van den Hoek, bij het uitdraaien van het achterlicht overboord gevallen en verdronken. Hij was 31 jaar oud. Hij was in 1885 gehuwd met Elizabeth Groen. Ze hadden drie kinderen: Adrianus (1887), Hendrik (1890) en Willemtje (1892).
Op 28 november 1910 is Geerit van Dijk (1892-1910) geboren 29 augustus 1892, zoon van Stoffeltje van Dijk en Elizabeth Cornelia Rasenberg, van de MD 28 Vertrouwen stuurman Cornelis van den Hoek, bij goed weer overboord gevallen en verdronken. Hij was achttien jaar oud. Vader Stoffeltje van Dijk was touwslager, het gezin is in 1915 naar Vlaardingen vertrokken.
De ramp met de MD 1 Luctor et Emergo januari 1910
Bij deze ramp zijn de stuurman, Willem van de Hoek (1860-1910), en Cornelis van den Hoek (1877-1910) zoon van Hubrecht, omgekomen.
© Marlies Jongejan, maart 2024
![]() |
| Vooruit, 12 april 1911 |
Man over boord
In 1882 is Jeroen Langbroek (1866-1882) geboren 28 augustus 1866, zoon van Simon Langbroek en Neeltje van der Sluis, bij het neerhalen van de stagfok overboord geslagen en verdronken. Dit gebeurde op de MD 1 Waakzaamheid, stuurman Jacobus van den Hoek.
Op 27 januari 1894 is Pieter Faasse (1862-1894), geboren 18 maart 1862 in Sommelsdijk, op de MD 7 Toekomst (voorheen Avenir) stuurman Jan van den Hoek, bij het uitdraaien van het achterlicht overboord gevallen en verdronken. Hij was 31 jaar oud. Hij was in 1885 gehuwd met Elizabeth Groen. Ze hadden drie kinderen: Adrianus (1887), Hendrik (1890) en Willemtje (1892).
Op 28 november 1910 is Geerit van Dijk (1892-1910) geboren 29 augustus 1892, zoon van Stoffeltje van Dijk en Elizabeth Cornelia Rasenberg, van de MD 28 Vertrouwen stuurman Cornelis van den Hoek, bij goed weer overboord gevallen en verdronken. Hij was achttien jaar oud. Vader Stoffeltje van Dijk was touwslager, het gezin is in 1915 naar Vlaardingen vertrokken.
De MD 7 Toekomst overvaren in 1899
De MD 7 Toekomst met als stuurman Jan van den Hoek is in mei 1899 in het Skagerrak met dichte mist overvaren door een Noorse bark. Drie opvarenden die probeerden over te springen op het Noorse schip de Zorida zijn verdronken. Het betreft Jan de Man (1863-1899), Arend de Koning (1864-1899) en Leendert Koster (1863-1899). Laurens van Gelder (1849-1899) raakte gewond en is enkele uren later overleden. Leendert Koster was een zoon van Dirk Koster en Bastiana van Eeuwen, hij was in 1886 gehuwd met Dirkje de Ruiter.
Bij deze ramp zijn de stuurman, Willem van de Hoek (1860-1910), en Cornelis van den Hoek (1877-1910) zoon van Hubrecht, omgekomen.
vrijdag 17 mei 2013
Cornelis van den Hoek (1811-1891) en Cornelia van Okkenburg (1821-1890)
Huwelijk en kinderen
Cornelis van den Hoek is in Dirksland geboren in 1811. Hij was een zoon van Jacob van den Hoek die arbeider was en Neeltje Platteeuw.
Cornelis van Okkenburg(t) is een dochter van Huibrecht van Okkenburg(t), arbeider, en Geertje Heinberg, beiden uit Dirksland.
Het huwelijk tussen Cornelis en Cornelia werd gesloten op 16 februari 1844 in Dirksland. Cornelis was 32 jaar en Cornelia 23. Hij was arbeider ten tijde van het huwelijk en zij dienstbode.
Vrij snel na het huwelijk verhuisde het echtpaar naar Middelharnis. Het beroep van Cornelis werd pakhuisknecht en meer specifiek wijnpakhuisknecht (bij Kolff vermoedelijk). Later staat hij als winkelier vermeld. Het gezin woonde in de Kaaidreef.
Kinderen:
1. Jacob van den Hoek (1844-1917) werd drie maanden na het huwelijk en wel op 25 juni 1844 in Middelharnis geboren. Hij werd visser en trouwde op 19 december 1866 met Johanna Langbroek (1843-1893) 23 jaar en vissersdochter (dochter van Hendrik Langbroek en Helena Cornelia Boogerman). Zie ook bericht op dit weblog van 17 februari 2012.
2. Huibrecht van den Hoek (1845-1931) was de tweede zoon. Hij was visser en is op 24 oktober 1871 gehuwd met Lijntje Visser (1845-1921), dienstbode 26 jaar, dochter van een visser. Huibrecht is op 3 oktober 1931 in Rotterdam-Poortugaal overleden. Hij is na de dood van Lijntje, dus op hoge leeftijd, pas verhuisd.*
3. Jakobus van den Hoek (1849-1935), visser, gehuwd op 11 april met Anna Wilhelmina Wursten (1849-1906) die uit een schippersfamilie kwam. Haar broer Bartel was eveneens visser. Jakobus is op 1 mei 1915 naar Velsen vertrokken. Voor hoe lang weet ik niet, hij is in Middelharnis overleden. Zijn beide zoons waren al eerder naar Rotterdam verhuisd.
4. Cornelis van den Hoek (1851-1932), gehuwd op 22 april 1875 met Neeltje Gerritjes Langbroek (1850-1939), vissersdochter. Cornelis was ten tijde van zijn huwelijk al visser-stuurman (schipper).
5. Neeltje geboren in februari 1852 en enkele maanden later overleden
6. Neeltje van den Hoek (1854-1924) gehuwd op 16 april 1874 met Cornelis Muije (1852-1892) die eerst visser was en later schipper (binnenvaart) . Zijn vader was kleermaker. Cornelis is op 6 november 1892 aan boord van een schip in Numansdorp overleden.
7. Jan van den Hoek (1856-1929), gehuwd op 10 april 1879 met Grietha Grootenboer (1854-1889) uit Sommelsdijk. Grietha was de dochter van een tuinman, ze is jong overleden. Jan woonde samen met zijn dochter, kleindochter en schoonvader. Op 4 juni 1915 is Jan met Klaasje Verduin, de weduwe van zijn broer Willem, hertrouwd.
8. Geertje van den Hoek (1857-1927) trouwde op 6 februari 1885 met Gerrit van Rikxoort (1856-1933) een timmerman uit Sommelsdijk. Ook zijn vader was timmerman.
9. Willem van den Hoek (1860-1910) was visser en trouwde met Klaasje Verduin (1861-1941) op 19 oktober 1888. Klaasje was de dochter van een arbeider. Willem was ten tijde van zijn huwelijk al visser-stuurman.
10. Dirk van den Hoek (1861-1943) was visser en trouwde met Maatje van der Put (1865-1928) op 8 februari 1886. Maatje was een vissersdochter. Dit gezin is op 20 november 1889 naar Rotterdam verhuisd. op 26 september 1892 teruggekomen naar Middelharnis en op 26 mei 1897 definitief naar Rotterdam gegaan. Dirk is op 16 juli 1943 in Rotterdam overleden.
Van de tien kinderen van Cornelis en Cornelia overleed een kind na enkele maanden. Van de andere negen zijn de meesten zeventig jaar of ouder geworden. Een sterk geslacht.
Hoewel vader Cornelis geen visser was en ook Cornelia niet uit een vissersgezin kwam, werden de zeven zoons allemaal visser. Alle zeven broers brachten het zelfs tot schipper.
Van de zoons trouwden er vier met een vissersdochter, een met een dochter van een binnenschipper, een met een dochter van een arbeider en een met de dochter van een tuinman
Een dochter trouwde met een timmerman, de andere met een visser die later binnenschipper werd.
Familieleden op zee gebleven
De eerste vermelding van een Van den Hoek als schipper van een sloep uit Middelharnis vinden we in 1866. Er zijn diverse ongevallen gebeurd aan boord van sloepen waarop een Van den Hoek schipper was (waarover meer in de volgende tekst), maar de zoons van Cornelis en Cornelia hebben het er zelf altijd goed van af gebracht. Tot het in 1910 mis ging.
In januari 1910 verging de MD1 Luctor et Emergo van schipper Willem van den Hoek. De sloep was op 22 januari nog gezien door Jacobus, broer van Willem.
Willem van den Hoek was net op 20 januari 1910 vijftig jaar geworden.
Aan boord was ook zijn neef Cornelis van den Hoek, een zoon van Huibrecht van den Hoek en Lijntje Visser, geboren op 7 april 1877. Cornelis was 32 jaar en ongehuwd.
Er is nog een tweede zoon van Hu(i)brecht van den Hoek en Lijntje Visser verdronken. Hubrecht van den Hoek (1884-1919) geboren 10 december 1884, is op 14 oktober 1910 gehuwd met Suzanna Roodzant geboren op 3 juli 1884 in Rotterdam, dochter van Marinus Roodzant en Suzanna de Moeij (zie tekst van 19 februari 2012).
Het gezin is op 6 januari 1913 naar Rotterdam verhuisd. Ze hadden een zoon die Cornelis Hubrecht heette (1912-1975), geboren in Middelharnis en een zoon Marinus (1914-1992) geboren in Rotterdam.
Hubrecht van den Hoek voer op de zeillogger Hendrik Willem uit IJmuiden die rond 8 maart 1919 is vergaan (1).
1. Hij is op 15-5-1919 ambtshalve afgevoerd uit het bevolkingsregister Rotterdam.
Zie ook de vooroudersite familie Van den Hoek door Cees Jan van den Hoek
Cornelis van den Hoek is in Dirksland geboren in 1811. Hij was een zoon van Jacob van den Hoek die arbeider was en Neeltje Platteeuw.
Cornelis van Okkenburg(t) is een dochter van Huibrecht van Okkenburg(t), arbeider, en Geertje Heinberg, beiden uit Dirksland.
Het huwelijk tussen Cornelis en Cornelia werd gesloten op 16 februari 1844 in Dirksland. Cornelis was 32 jaar en Cornelia 23. Hij was arbeider ten tijde van het huwelijk en zij dienstbode.
Vrij snel na het huwelijk verhuisde het echtpaar naar Middelharnis. Het beroep van Cornelis werd pakhuisknecht en meer specifiek wijnpakhuisknecht (bij Kolff vermoedelijk). Later staat hij als winkelier vermeld. Het gezin woonde in de Kaaidreef.
Kinderen:
1. Jacob van den Hoek (1844-1917) werd drie maanden na het huwelijk en wel op 25 juni 1844 in Middelharnis geboren. Hij werd visser en trouwde op 19 december 1866 met Johanna Langbroek (1843-1893) 23 jaar en vissersdochter (dochter van Hendrik Langbroek en Helena Cornelia Boogerman). Zie ook bericht op dit weblog van 17 februari 2012.
2. Huibrecht van den Hoek (1845-1931) was de tweede zoon. Hij was visser en is op 24 oktober 1871 gehuwd met Lijntje Visser (1845-1921), dienstbode 26 jaar, dochter van een visser. Huibrecht is op 3 oktober 1931 in Rotterdam-Poortugaal overleden. Hij is na de dood van Lijntje, dus op hoge leeftijd, pas verhuisd.*
3. Jakobus van den Hoek (1849-1935), visser, gehuwd op 11 april met Anna Wilhelmina Wursten (1849-1906) die uit een schippersfamilie kwam. Haar broer Bartel was eveneens visser. Jakobus is op 1 mei 1915 naar Velsen vertrokken. Voor hoe lang weet ik niet, hij is in Middelharnis overleden. Zijn beide zoons waren al eerder naar Rotterdam verhuisd.
4. Cornelis van den Hoek (1851-1932), gehuwd op 22 april 1875 met Neeltje Gerritjes Langbroek (1850-1939), vissersdochter. Cornelis was ten tijde van zijn huwelijk al visser-stuurman (schipper).
5. Neeltje geboren in februari 1852 en enkele maanden later overleden
6. Neeltje van den Hoek (1854-1924) gehuwd op 16 april 1874 met Cornelis Muije (1852-1892) die eerst visser was en later schipper (binnenvaart) . Zijn vader was kleermaker. Cornelis is op 6 november 1892 aan boord van een schip in Numansdorp overleden.
7. Jan van den Hoek (1856-1929), gehuwd op 10 april 1879 met Grietha Grootenboer (1854-1889) uit Sommelsdijk. Grietha was de dochter van een tuinman, ze is jong overleden. Jan woonde samen met zijn dochter, kleindochter en schoonvader. Op 4 juni 1915 is Jan met Klaasje Verduin, de weduwe van zijn broer Willem, hertrouwd.
8. Geertje van den Hoek (1857-1927) trouwde op 6 februari 1885 met Gerrit van Rikxoort (1856-1933) een timmerman uit Sommelsdijk. Ook zijn vader was timmerman.
9. Willem van den Hoek (1860-1910) was visser en trouwde met Klaasje Verduin (1861-1941) op 19 oktober 1888. Klaasje was de dochter van een arbeider. Willem was ten tijde van zijn huwelijk al visser-stuurman.
10. Dirk van den Hoek (1861-1943) was visser en trouwde met Maatje van der Put (1865-1928) op 8 februari 1886. Maatje was een vissersdochter. Dit gezin is op 20 november 1889 naar Rotterdam verhuisd. op 26 september 1892 teruggekomen naar Middelharnis en op 26 mei 1897 definitief naar Rotterdam gegaan. Dirk is op 16 juli 1943 in Rotterdam overleden.
Van de tien kinderen van Cornelis en Cornelia overleed een kind na enkele maanden. Van de andere negen zijn de meesten zeventig jaar of ouder geworden. Een sterk geslacht.
Hoewel vader Cornelis geen visser was en ook Cornelia niet uit een vissersgezin kwam, werden de zeven zoons allemaal visser. Alle zeven broers brachten het zelfs tot schipper.
Van de zoons trouwden er vier met een vissersdochter, een met een dochter van een binnenschipper, een met een dochter van een arbeider en een met de dochter van een tuinman
Een dochter trouwde met een timmerman, de andere met een visser die later binnenschipper werd.
Familieleden op zee gebleven
De eerste vermelding van een Van den Hoek als schipper van een sloep uit Middelharnis vinden we in 1866. Er zijn diverse ongevallen gebeurd aan boord van sloepen waarop een Van den Hoek schipper was (waarover meer in de volgende tekst), maar de zoons van Cornelis en Cornelia hebben het er zelf altijd goed van af gebracht. Tot het in 1910 mis ging.
In januari 1910 verging de MD1 Luctor et Emergo van schipper Willem van den Hoek. De sloep was op 22 januari nog gezien door Jacobus, broer van Willem.
Willem van den Hoek was net op 20 januari 1910 vijftig jaar geworden.
Aan boord was ook zijn neef Cornelis van den Hoek, een zoon van Huibrecht van den Hoek en Lijntje Visser, geboren op 7 april 1877. Cornelis was 32 jaar en ongehuwd.
![]() |
| De MD 1, Luctor et Emergo in de haven van Middelharnis |
Er is nog een tweede zoon van Hu(i)brecht van den Hoek en Lijntje Visser verdronken. Hubrecht van den Hoek (1884-1919) geboren 10 december 1884, is op 14 oktober 1910 gehuwd met Suzanna Roodzant geboren op 3 juli 1884 in Rotterdam, dochter van Marinus Roodzant en Suzanna de Moeij (zie tekst van 19 februari 2012).
Het gezin is op 6 januari 1913 naar Rotterdam verhuisd. Ze hadden een zoon die Cornelis Hubrecht heette (1912-1975), geboren in Middelharnis en een zoon Marinus (1914-1992) geboren in Rotterdam.
Hubrecht van den Hoek voer op de zeillogger Hendrik Willem uit IJmuiden die rond 8 maart 1919 is vergaan (1).
1. Hij is op 15-5-1919 ambtshalve afgevoerd uit het bevolkingsregister Rotterdam.
bron: digitale stamboom Rotterdam, bevolkingsregister.
* getuigen waren o.a. Arij Jongejan 49 jaar en Marinus Jongejan 38 jaar, beiden vissers.Zie ook de vooroudersite familie Van den Hoek door Cees Jan van den Hoek
zaterdag 4 mei 2013
Mattheus Witvliet (1823-1917) en Teuntje van Strien (1824-1907)
Ouders
Mattheus Witvliet is op 7 oktober 1823 geboren, zoon van Cornelis Witvliet en Jannetje Olijman. Cornelis Witvliet was visser.
Teuntje van Strien is op 10 oktober 1824 in Sommelsdijk geboren, dochter van Leendert van Strien en Pietertje Zeedijk. Leendert van Strien was arbeider.
Huwelijk en kinderen
Mattheus en Teuntje trouwden op 22 november 1849 in Sommelsdijk, ze waren 26 en 25 jaar oud. Mattheus was visser van beroep en Teuntje was dienstbode.
Op 12 augustus 1850 werd dochter Jannetje geboren. Teuntje werd op 27 november 1852 geboren; zij is op 18 augustus 1863 op tienjarige leeftijd overleden. Op 23 november 1854 kwam een kind van Mattheus en Teuntje levenloos ter wereld.
Adriana Witvliet is op 11 december 1855 geboren. De enige zoon Leendert is op 11 augustus 1858 geboren en daarna volgde Geertruij op 7 juni 1861. In 1865 is opnieuw een Teuntje geboren die maar anderhalf jaar oud werd.
Van de zes kinderen van Mattheus en Teuntje bereikten er vier de volwassen leeftijd.
Huwelijk van de kinderen
Jannetje Witvliet trouwde in 1875 met Huibrecht van der Put, zoon van Laurens van der Put en Dirkje Boer. Jannetje was 25 en Huibrecht 23 jaar oud ten tijde van het huwelijk. Huibrecht was visser van beroep. Een van de getuigen was Arij Jongejan (1823-1910) stuurman, aangetrouwde oom van de bruidegom. Zie hiervoor ook de tekst op dit weblog van 27 februari 2013. Jannetje was 49 jaar toen ze in 1900 in Middelharnis overleed; Huibrecht is in 1909 in Velsen overleden.
Adriana Witvliet trouwde in 1876 met Bastiaan Dubbeld, ze waren twintig en 22 jaar oud. Bastiaan was visser, later stuurman op de MD 11 Oranje Nassau. Zie tekst van 8 april 2013.
Bastiaan is in 1914 overleden, Adriana werd heel oud: ze overleed op 12 november 1944 in Rotterdam, 88 jaar oud.
Leendert Witvliet trouwde in 1883 in Zwartewaal met Gerritje Starrenburg; hij was 24 en zij negentien of twintig jaar oud. Leendert was visser. Het huwelijk is in 1896 ontbonden; Leendert is in 1899 in Velsen hertrouwd met Johanna Berghauser. Leendert is in 1942 in Maassluis overleden, 83 jaar oud.
Geertruij trouwde met mijn oudoom Gerrit Jongejan. Over dit echtpaar staat al een tekst op dit weblog van 13 februari 2012 met een mooie foto van Gerrit in zijn jonge jaren. Ze zijn in 1886 getrouwd, allebei 24 jaar oud. Gerrit is in januari 1910 verdronken bij de scheepsramp van de Luctor et Emergo. Geertruij is in 1930 overleden, 69 jaar oud.
Overlijden van Mattheus en Teuntje
Teuntje is in 1907 in Middelharnis overleden, ze was 82 jaar oud. Mattheus was 94 jaar oud toen hij in 1917 in Middelharnis overleed.
met dank aan Pieter Koster te Haarlem voor de gegevens en de foto.
Mattheus Witvliet is op 7 oktober 1823 geboren, zoon van Cornelis Witvliet en Jannetje Olijman. Cornelis Witvliet was visser.
Teuntje van Strien is op 10 oktober 1824 in Sommelsdijk geboren, dochter van Leendert van Strien en Pietertje Zeedijk. Leendert van Strien was arbeider.
Huwelijk en kinderen
Mattheus en Teuntje trouwden op 22 november 1849 in Sommelsdijk, ze waren 26 en 25 jaar oud. Mattheus was visser van beroep en Teuntje was dienstbode.
Op 12 augustus 1850 werd dochter Jannetje geboren. Teuntje werd op 27 november 1852 geboren; zij is op 18 augustus 1863 op tienjarige leeftijd overleden. Op 23 november 1854 kwam een kind van Mattheus en Teuntje levenloos ter wereld.
Adriana Witvliet is op 11 december 1855 geboren. De enige zoon Leendert is op 11 augustus 1858 geboren en daarna volgde Geertruij op 7 juni 1861. In 1865 is opnieuw een Teuntje geboren die maar anderhalf jaar oud werd.
Van de zes kinderen van Mattheus en Teuntje bereikten er vier de volwassen leeftijd.
Huwelijk van de kinderen
Jannetje Witvliet trouwde in 1875 met Huibrecht van der Put, zoon van Laurens van der Put en Dirkje Boer. Jannetje was 25 en Huibrecht 23 jaar oud ten tijde van het huwelijk. Huibrecht was visser van beroep. Een van de getuigen was Arij Jongejan (1823-1910) stuurman, aangetrouwde oom van de bruidegom. Zie hiervoor ook de tekst op dit weblog van 27 februari 2013. Jannetje was 49 jaar toen ze in 1900 in Middelharnis overleed; Huibrecht is in 1909 in Velsen overleden.
Adriana Witvliet trouwde in 1876 met Bastiaan Dubbeld, ze waren twintig en 22 jaar oud. Bastiaan was visser, later stuurman op de MD 11 Oranje Nassau. Zie tekst van 8 april 2013.
Bastiaan is in 1914 overleden, Adriana werd heel oud: ze overleed op 12 november 1944 in Rotterdam, 88 jaar oud.
Leendert Witvliet trouwde in 1883 in Zwartewaal met Gerritje Starrenburg; hij was 24 en zij negentien of twintig jaar oud. Leendert was visser. Het huwelijk is in 1896 ontbonden; Leendert is in 1899 in Velsen hertrouwd met Johanna Berghauser. Leendert is in 1942 in Maassluis overleden, 83 jaar oud.
Geertruij trouwde met mijn oudoom Gerrit Jongejan. Over dit echtpaar staat al een tekst op dit weblog van 13 februari 2012 met een mooie foto van Gerrit in zijn jonge jaren. Ze zijn in 1886 getrouwd, allebei 24 jaar oud. Gerrit is in januari 1910 verdronken bij de scheepsramp van de Luctor et Emergo. Geertruij is in 1930 overleden, 69 jaar oud.
Overlijden van Mattheus en Teuntje
Teuntje is in 1907 in Middelharnis overleden, ze was 82 jaar oud. Mattheus was 94 jaar oud toen hij in 1917 in Middelharnis overleed.
| Teuntje van Strien en Mattheus Witvliet op latere leeftijd |
met dank aan Pieter Koster te Haarlem voor de gegevens en de foto.
maandag 12 november 2012
Pieter van den Berg (1849-1910) en Cornelia Schol (1850-1935)
Scheepsramp Lucretia Adelaïde 1865, overlijden van Gerrit van den Berg en scheepsramp 1863, overlijden van Jan van den Berg
Pieter van den Berg is een zoon van Gerrit van den Berg, visser en Elizabeth Oosterling die ten tijde van haar huwelijk dienstbode was. Gerrit en Elizabeth trouwden op 5 mei 1844.
Vader Gerrit is geboren in Dirksland op 17 september1817, hij was een zoon van Jannetje van den Berg. Wie zijn vader was is onbekend. Gerrit en Elizabeth hadden vijf zonen: Jan, Pieter, Leendert, Hendrik en Gerrit Jan en een dochter Lena. Leendert is maar twee jaar oud geworden.
Gerrit van den Berg (1817-1865) is verdronken in februari 1865 toen de sloep Lucretia Adelaïde schipper Aren de Koning met man en muis vergaan is (1).
De oudste zoon Jan van den Berg (1844-1863) geboren 26 oktober 1844, is ook verdronken vermoedelijk in 1863. Bjj het vergaan van de sloep in 1865 was sprake van een weduwe die in 1863 een zoon verloren had. Dit heeft waarschijnlijk op dit gezin betrekking. (2)
De nabestaanden van Gerrit van den Berg
Op 15 juli 1865 is de jongste zoon Gerrit Jan geboren, vernoemd naar zijn overleden vader en zijn broer. Op 3 juli 1866 is zoon Hendrik overleden, hij was vier jaar oud.
Elizabeth Oosterling hertrouwde in 1868 met Willem Buth, weduwnaar van Geertrui van der Waal. Willem was arbeider.
Lena was dienstbode en is op 29 maart 1878 getrouwd met Job Hollander, ze was toen twintig jaar oud. Gerrit Jan trouwde in 1887 met Hendrika Noordijk.
Elizabeth is in 1892 overleden.
Huwelijk
Pieter van den Berg, de tweede zoon van Gerrit van den Berg en Elizabeth Oosterling, geboren 7 januari 1849 trouwde op 27 april 1871 in Sommelsdijk met Cornelia Schol. Ze waren 22 en 21 jaar oud. Pieter was visser van beroep. De vader van Cornelia, Lieven Schol, was bouwman. Zo'n gemengd huwelijk kwam niet zo vaak voor, vissers trouwden meestal onder elkaar.
Kinderen
In 1874 werd dochter Elizabeth geboren; in 1876 zoon Lieven. Dochter Gerritje uit 1877 werd maar zes weken oud. Maatje werd in 1879 geboren, Gerritje in 1882.
Jan uit 1884 werd maar drieënhalf haar oud, Jacob uit 1885 werd maar ruim een half jaar oud.
Pietertje werd in 1887 geboren en tot slot volgde Jan in 1889.
Zes van de negen kinderen bereikten de volwassen leeftijd.
Het gezin woonde aan het Nieuwdorp vlakbij de Vissersstraat in Middelharnis en later in een van de Weistraatjes. Willem Buth, de tweede man van de moeder van Pieter, weduwnaar geb. 1833, woonde bij het gezin in.
Huwelijk van de kinderen
Elizabeth de oudste dochter trouwde als eerste, met Jan Lodder uit Sommelsdijk in 1895.
Lieven van den Berg was visser en trouwde in 1898 met Marie Aupperlée. Ze woonden korte tijd in Vlaardingen.
Maatje trouwde in 1903 met Marinus Vos uit Scherpenisse. Zie volgend bericht op dit weblog.
Gerritje trouwde in 1905 met Leendert van der Waal, Pietertje in 1912 met Hendrik Viskil (zijn vader Willem was de schipper van de Zeemanshoop, verdronken in 1895) en Jan werd ook visser en trouwde in 1918 met Elizabeth Cornelia Breeman uit Sommelsdijk.
Uit het fotoboek van Cor Hameeteman, Sommelsdijk, een eeuw in foto's en herinneringen deze foto van de vier zussen Maatje, Elizabeth, Pietertje en Gerritje, met de echtgenoot van Gerritje.
Scheepsramp Luctor en Emergo 1910, overlijden van Pieter
In januari 1910 verging de vissloep MD 1 Luctor et Emergo tijdens noodweer in de omgeving van de Doggersbank. De dertien bemanningsleden verdronken waaronder Gerrit Jongejan, een oudere broer van Opa Jongejan, Adrianus Cornelis Jongejan en Pieter van den Berg.
Zie voor beschrijving de berichten van 13 februari 2012 en 2 november 2012.
Pieter van den Berg was 61 jaar en had de functie van ouweman, een ervaren lid van de bemanning na de schipper de hoogste in rang.
Nabestaanden
Ten tijde van het overlijden van Pieter waren alleen Pietertje en Jan nog thuis. Pietertje is op 26 juli 1912 getrouwd met Hendrik Viskil (1887- ), zoon van de schipper van de Zeemanshoop die in 1895 is vergaan. Het paar heeft nog even bij Cornelia ingewoond. Willem Buth de stiefvader van Pieter die inwoonde is in augustus 1911 verhuisd (in februari 1913 overleden).
Pietertje van den Berg en Hendrik Viskil zijn in 1913 naar Velsen verhuisd. Cornelia Schol is in oktober 1913 naar Sommelsdijk verhuisd waar ze waarschijnlijk haar intrek nam bij een van de kinderen, of beurtelings bij één van hen woonde zoals toen ook wel gebeurde. Jan is gelijk met zijn moeder verhuisd naar Sommelsdijk. Jan was diepzeevisser en is na zijn huwelijk in 1919 weer aan het Nieuwdorp in Middelharnis gaan wonen.
Jan van den Berg (1889- )
Jan is ca. 1903 als kofjekokertje gaan varen op de MD28. Hij vertelt in een interview uit 1986 (3) dat zijn opa, zijn oom en zijn vader zijn verdronken. Hij was 21 toen zijn vader verdronk. Hij vertelt over het leven aan boord, het slechte eten en de gebrekkige staat van de sloepen van Kolff en Slis ("de reders waren rotzakken"). De mensen waren na de beide scheepsrampen van 1910 en 1912 zo benauwd dat ze de vloot hier verlieten en naar Rotterdam en IJmuiden gingen. Zelf heeft hij gevaren vanuit Maassluis, Vlaardingen en later op een stoomtrawler, de Camelia, vanuit IJmuiden. De Camelia is later toen Jan niet meer aan boord was overvaren waarbij acht bemanningsleden verdronken.
Op zijn 36ste jaar is Jan gestopt met vissen, hij is toen visboer geworden.
1. Zie huwelijksbijlagen Sommelsdijk bij akte 11 van 1871, huwelijk van Gerrit van den Berg.
2. Bevolkingsregister 1861-1890. Bij de naam Jan is vermeld: zie boven, verwijzing naar de doorhaling van zijn vader.
3. Interview in Ons Eiland van 5 juni 1986. Jan was toen 97 jaar en Cornelia 95 jaar. Bij dit interview een foto van Jan als 14-jarig kofjekokertje. Met een reddingsboei van de MD28.
Pieter van de Berg wordt genoemd in A. Faasse Zee en Eiland p.63,65
Pieter van den Berg is een zoon van Gerrit van den Berg, visser en Elizabeth Oosterling die ten tijde van haar huwelijk dienstbode was. Gerrit en Elizabeth trouwden op 5 mei 1844.
Vader Gerrit is geboren in Dirksland op 17 september1817, hij was een zoon van Jannetje van den Berg. Wie zijn vader was is onbekend. Gerrit en Elizabeth hadden vijf zonen: Jan, Pieter, Leendert, Hendrik en Gerrit Jan en een dochter Lena. Leendert is maar twee jaar oud geworden.
Gerrit van den Berg (1817-1865) is verdronken in februari 1865 toen de sloep Lucretia Adelaïde schipper Aren de Koning met man en muis vergaan is (1).
De oudste zoon Jan van den Berg (1844-1863) geboren 26 oktober 1844, is ook verdronken vermoedelijk in 1863. Bjj het vergaan van de sloep in 1865 was sprake van een weduwe die in 1863 een zoon verloren had. Dit heeft waarschijnlijk op dit gezin betrekking. (2)
De nabestaanden van Gerrit van den Berg
Op 15 juli 1865 is de jongste zoon Gerrit Jan geboren, vernoemd naar zijn overleden vader en zijn broer. Op 3 juli 1866 is zoon Hendrik overleden, hij was vier jaar oud.
Elizabeth Oosterling hertrouwde in 1868 met Willem Buth, weduwnaar van Geertrui van der Waal. Willem was arbeider.
Lena was dienstbode en is op 29 maart 1878 getrouwd met Job Hollander, ze was toen twintig jaar oud. Gerrit Jan trouwde in 1887 met Hendrika Noordijk.
Elizabeth is in 1892 overleden.
Huwelijk
Pieter van den Berg, de tweede zoon van Gerrit van den Berg en Elizabeth Oosterling, geboren 7 januari 1849 trouwde op 27 april 1871 in Sommelsdijk met Cornelia Schol. Ze waren 22 en 21 jaar oud. Pieter was visser van beroep. De vader van Cornelia, Lieven Schol, was bouwman. Zo'n gemengd huwelijk kwam niet zo vaak voor, vissers trouwden meestal onder elkaar.
Kinderen
In 1874 werd dochter Elizabeth geboren; in 1876 zoon Lieven. Dochter Gerritje uit 1877 werd maar zes weken oud. Maatje werd in 1879 geboren, Gerritje in 1882.
Jan uit 1884 werd maar drieënhalf haar oud, Jacob uit 1885 werd maar ruim een half jaar oud.
Pietertje werd in 1887 geboren en tot slot volgde Jan in 1889.
Zes van de negen kinderen bereikten de volwassen leeftijd.
Het gezin woonde aan het Nieuwdorp vlakbij de Vissersstraat in Middelharnis en later in een van de Weistraatjes. Willem Buth, de tweede man van de moeder van Pieter, weduwnaar geb. 1833, woonde bij het gezin in.
Huwelijk van de kinderen
Elizabeth de oudste dochter trouwde als eerste, met Jan Lodder uit Sommelsdijk in 1895.
Lieven van den Berg was visser en trouwde in 1898 met Marie Aupperlée. Ze woonden korte tijd in Vlaardingen.
Maatje trouwde in 1903 met Marinus Vos uit Scherpenisse. Zie volgend bericht op dit weblog.
Gerritje trouwde in 1905 met Leendert van der Waal, Pietertje in 1912 met Hendrik Viskil (zijn vader Willem was de schipper van de Zeemanshoop, verdronken in 1895) en Jan werd ook visser en trouwde in 1918 met Elizabeth Cornelia Breeman uit Sommelsdijk.
Uit het fotoboek van Cor Hameeteman, Sommelsdijk, een eeuw in foto's en herinneringen deze foto van de vier zussen Maatje, Elizabeth, Pietertje en Gerritje, met de echtgenoot van Gerritje.
![]() |
| Scan uit het boek: C. Hameeteman, Sommelsdijk, een eeuw in foto's en herinneringen. Als iemand weet wie de rechten heeft op deze foto graag een berichtje, dan kan ik alsnog toestemming vragen. |
Scheepsramp Luctor en Emergo 1910, overlijden van Pieter
In januari 1910 verging de vissloep MD 1 Luctor et Emergo tijdens noodweer in de omgeving van de Doggersbank. De dertien bemanningsleden verdronken waaronder Gerrit Jongejan, een oudere broer van Opa Jongejan, Adrianus Cornelis Jongejan en Pieter van den Berg.
Zie voor beschrijving de berichten van 13 februari 2012 en 2 november 2012.
Pieter van den Berg was 61 jaar en had de functie van ouweman, een ervaren lid van de bemanning na de schipper de hoogste in rang.
Nabestaanden
Ten tijde van het overlijden van Pieter waren alleen Pietertje en Jan nog thuis. Pietertje is op 26 juli 1912 getrouwd met Hendrik Viskil (1887- ), zoon van de schipper van de Zeemanshoop die in 1895 is vergaan. Het paar heeft nog even bij Cornelia ingewoond. Willem Buth de stiefvader van Pieter die inwoonde is in augustus 1911 verhuisd (in februari 1913 overleden).
Pietertje van den Berg en Hendrik Viskil zijn in 1913 naar Velsen verhuisd. Cornelia Schol is in oktober 1913 naar Sommelsdijk verhuisd waar ze waarschijnlijk haar intrek nam bij een van de kinderen, of beurtelings bij één van hen woonde zoals toen ook wel gebeurde. Jan is gelijk met zijn moeder verhuisd naar Sommelsdijk. Jan was diepzeevisser en is na zijn huwelijk in 1919 weer aan het Nieuwdorp in Middelharnis gaan wonen.
Jan van den Berg (1889- )
Jan is ca. 1903 als kofjekokertje gaan varen op de MD28. Hij vertelt in een interview uit 1986 (3) dat zijn opa, zijn oom en zijn vader zijn verdronken. Hij was 21 toen zijn vader verdronk. Hij vertelt over het leven aan boord, het slechte eten en de gebrekkige staat van de sloepen van Kolff en Slis ("de reders waren rotzakken"). De mensen waren na de beide scheepsrampen van 1910 en 1912 zo benauwd dat ze de vloot hier verlieten en naar Rotterdam en IJmuiden gingen. Zelf heeft hij gevaren vanuit Maassluis, Vlaardingen en later op een stoomtrawler, de Camelia, vanuit IJmuiden. De Camelia is later toen Jan niet meer aan boord was overvaren waarbij acht bemanningsleden verdronken.
Op zijn 36ste jaar is Jan gestopt met vissen, hij is toen visboer geworden.
1. Zie huwelijksbijlagen Sommelsdijk bij akte 11 van 1871, huwelijk van Gerrit van den Berg.
2. Bevolkingsregister 1861-1890. Bij de naam Jan is vermeld: zie boven, verwijzing naar de doorhaling van zijn vader.
3. Interview in Ons Eiland van 5 juni 1986. Jan was toen 97 jaar en Cornelia 95 jaar. Bij dit interview een foto van Jan als 14-jarig kofjekokertje. Met een reddingsboei van de MD28.
Pieter van de Berg wordt genoemd in A. Faasse Zee en Eiland p.63,65
vrijdag 2 november 2012
Adrianus Cornelis Jongejan (1881-1910) en Gerritje Brom (1880-1957)
Voorouders van Adrianus Cornelis Jongejan
Adrianus Cornelis was een achterkleinzoon van Gerrit Jongejan en Trijntje Dupré. Zie de tekst op dit weblog van 21 april 2012.
De zoon van Gerrit en Trijntje, Arij Jongejan, is in 1851 hertrouwd met Elizabeth van Dijk (1829-1901), ze kregen samen tien kinderen van wie er maar weinig in leven bleven. Gerrit (1852) en Jannetje (1853) overleden kort na de geboorte. Er is drie keer een zoon Willem geboren die alledrie maar enkele weken geleefd hebben. Jannetje uit 1859 is in 1882 met Abraham de Groot getrouwd, een visser uit Zwartewaal. Maria overleed enkele weken na de geboorte, Willem (1864-1947) was mandenmaker, hij bleef ongehuwd en is in Haarlem overleden. Maria Jongejan geb 1865 trouwde met Cornelis Boon, visser/stuurman.
Gerrit Jongejan geboren in 1854 is de vader van Adrianus Cornelis.
Ouders, broers en zussen
Gerrit Jongejan (1854-1945) was visser en trouwde in 1878 met Neeltje Brijs, dochter van Adrianus Brijs. Ze verhuisden in november 1910 met de drie jongste zonen naar Velsen. Waarschijnlijk was de dood van Adrianus Cornelis in januari van dat jaar de aanleiding om naar Velsen te verhuizen waar de de oudste zoon Arij al woonde.
Het gezin:
In 1878 is de ouste zoon van Gerrit en Neeltje, Arij Jongejan, geboren. Hij is in 1896 naar Velsen vertrokken, zijn beroep was havenarbeider. In 1902 is hij in Velsen met Cornelia Schmidt getrouwd.
Adrianus Cornelis is de tweede zoon, geboren in 1881.
Elizabeth van 1883 is in 1907 getrouwd met Johannis van Dongen, visser.
Cornelia Anna uit 1886 trouwde met Jacob Prins, opperman.
Willem Jongejan (1889-1956) bleef ongehuwd, was los arbeider en is in 1910 naar Velsen vertrokken.
Sijbrand Jongejan (1892-1966) was visknecht, is ook in 1910 naar Velsen vertrokken, in 1917 gehuwd in Middelharnis met Arendje Kattestaart. Haar vader was ook in 1910 verdronken als bemanningslid van de Luctor et Emergo.
Gerrit Jongejan (1895-1963) is eveneens in 1910 verhuisd naar Velsen, werd schilder/behanger en is in Velsen in 1923 gehuwd met Burgje Visser, geboren in Pernis.
Huwelijk en kinderen
Adrianus Cornelis Jongejan trouwde op 15 juni 1905 met Gerritje Brom geboren in 1880, dochter van Joost Brom en Ida Doornhein.
Op 22 februari 1907 werd zoon Gerrit Jongejan geboren.
Scheepsramp Luctor en Emergo 1910, overlijden van Adrianus
In januari 1910 verging de vissloep MD 1 Luctor et Emergo tijdens noodweer in de omgeving van de Doggersbank. De dertien bemanningsleden verdronken waaronder Adrianus Cornelis Jongejan. Zie voor beschrijving het bericht van 13 februari 2012.
De nabestaanden
De ouders en drie broers van Adrianus zijn eind 1910 naar Velsen verhuisd zoals hierboven beschreven.De vader van Adrianus, Gerrit Jongejan, is op 1 mei 1945 in Tilburg overleden op negentigjarige leeftijd. Hij was weduwnaar van Neeltje Brijs.
Gerritje Brom is in 1957 in Dirksland overleden, ze heeft op verschillende plekken in Middelharnis gewoond: Zandpad 76 en Westdijk 52.
Zoon Gerrit trouwde in 1932 met Jannetje Volwerk, geb. 1909, dochter van Cornelis Volwerk (1881-1918) en Jannetje van Gelder (1879-1953).
![]() |
| MD 1 Luctor et Emergo aan het Vingerling in Middelharnis Foto S. van der Plaat Bron: Maritiem Digitaal, Maritiem Museum Rotterdam |
Adrianus Cornelis was een achterkleinzoon van Gerrit Jongejan en Trijntje Dupré. Zie de tekst op dit weblog van 21 april 2012.
De zoon van Gerrit en Trijntje, Arij Jongejan, is in 1851 hertrouwd met Elizabeth van Dijk (1829-1901), ze kregen samen tien kinderen van wie er maar weinig in leven bleven. Gerrit (1852) en Jannetje (1853) overleden kort na de geboorte. Er is drie keer een zoon Willem geboren die alledrie maar enkele weken geleefd hebben. Jannetje uit 1859 is in 1882 met Abraham de Groot getrouwd, een visser uit Zwartewaal. Maria overleed enkele weken na de geboorte, Willem (1864-1947) was mandenmaker, hij bleef ongehuwd en is in Haarlem overleden. Maria Jongejan geb 1865 trouwde met Cornelis Boon, visser/stuurman.
Gerrit Jongejan geboren in 1854 is de vader van Adrianus Cornelis.
Ouders, broers en zussen
Gerrit Jongejan (1854-1945) was visser en trouwde in 1878 met Neeltje Brijs, dochter van Adrianus Brijs. Ze verhuisden in november 1910 met de drie jongste zonen naar Velsen. Waarschijnlijk was de dood van Adrianus Cornelis in januari van dat jaar de aanleiding om naar Velsen te verhuizen waar de de oudste zoon Arij al woonde.
Het gezin:
In 1878 is de ouste zoon van Gerrit en Neeltje, Arij Jongejan, geboren. Hij is in 1896 naar Velsen vertrokken, zijn beroep was havenarbeider. In 1902 is hij in Velsen met Cornelia Schmidt getrouwd.
Adrianus Cornelis is de tweede zoon, geboren in 1881.
Elizabeth van 1883 is in 1907 getrouwd met Johannis van Dongen, visser.
Cornelia Anna uit 1886 trouwde met Jacob Prins, opperman.
Willem Jongejan (1889-1956) bleef ongehuwd, was los arbeider en is in 1910 naar Velsen vertrokken.
Sijbrand Jongejan (1892-1966) was visknecht, is ook in 1910 naar Velsen vertrokken, in 1917 gehuwd in Middelharnis met Arendje Kattestaart. Haar vader was ook in 1910 verdronken als bemanningslid van de Luctor et Emergo.
Gerrit Jongejan (1895-1963) is eveneens in 1910 verhuisd naar Velsen, werd schilder/behanger en is in Velsen in 1923 gehuwd met Burgje Visser, geboren in Pernis.
Huwelijk en kinderen
Adrianus Cornelis Jongejan trouwde op 15 juni 1905 met Gerritje Brom geboren in 1880, dochter van Joost Brom en Ida Doornhein.
Op 22 februari 1907 werd zoon Gerrit Jongejan geboren.
Scheepsramp Luctor en Emergo 1910, overlijden van Adrianus
In januari 1910 verging de vissloep MD 1 Luctor et Emergo tijdens noodweer in de omgeving van de Doggersbank. De dertien bemanningsleden verdronken waaronder Adrianus Cornelis Jongejan. Zie voor beschrijving het bericht van 13 februari 2012.
De nabestaanden
De ouders en drie broers van Adrianus zijn eind 1910 naar Velsen verhuisd zoals hierboven beschreven.De vader van Adrianus, Gerrit Jongejan, is op 1 mei 1945 in Tilburg overleden op negentigjarige leeftijd. Hij was weduwnaar van Neeltje Brijs.
Gerritje Brom is in 1957 in Dirksland overleden, ze heeft op verschillende plekken in Middelharnis gewoond: Zandpad 76 en Westdijk 52.
Zoon Gerrit trouwde in 1932 met Jannetje Volwerk, geb. 1909, dochter van Cornelis Volwerk (1881-1918) en Jannetje van Gelder (1879-1953).
Abonneren op:
Posts (Atom)








